ARCHIEF CD-RECENSIES APRIL

 

 

 

THE PINERS “Nashville Pine” (Brick House Music)

(4) J J J J

 

 

The Piners bestaan dit jaar precies 10 jaar en ze zijn met “Nashville Pine” pas aan hun derde release toe. Ze houden er dus bepaald geen moordend ritme op na, zoveel is zeker. Maar is dat echt nodig dan?

Als ze telkens juweeltjes blijven afleveren als hun recentste worp, dan mogen ze daar wat ons betreft alle tijd van de wereld voor blijven nemen. Ze trokken voor dit album naar Nashville –Verklaart meteen ook de titel!-, meer bepaald naar de vermaarde Fireside Studio van Porter Wagoner, waarin in het verleden tal van country classics werden geboren. En zo klinkt deze plaat dan ook – als een klassieke jaren ’70 countryplaat, als de perfecte liefdeskus tussen de muziekgenres country en americana.

Vermelden we nog snel, dat je beslist eens even moet gaan luisteren naar nummers als “Little Fences”, “Why” en “Lonesome Kind” - ze zullen je snel duidelijk maken waarom wij met deze plaat zeer in onze nopjes zijn!

Laat je vooral niet misleiden door de titel! Dit is real country…

www.piners.com

 

 

TROY OLSEN “Living In Your World” (Honky-Tonk Hacienda Records)

(4) J J J J

  

 

Het gebeurt nog maar heel erg zelden, dat we van iemands eerste stappen in Countryland zo onder de invloed zijn als van die van deze Troy Olsen. Maar de man mag dan ook rekenen op de steun van “de juiste vrienden”. Voor de productie van “Living In Your World” tekenden zo bijvoorbeeld James Intveld en Michael Turner. En tegen wat muzikale bijstand van kanjers als Jay Dee Maness (pedal steel), Scott Joss (fiddle) en Skip Edwards (piano) hoor je natuurlijk ook niet zo snel neen zeggen. Bovendien omringde Olsen zich ook bij het schrijven van de songs voor “Living In Your World” van zeer schoon volk: van Chris Gaffney tot Teddy Morgan of John Coinman, het kan tellen…

“Living In Your World”, “Who Gave You The Right” of “Stronger Than The Wine” mogen wat ons betreft dan ook zo naast het beste van Dwight Yoakam postvatten, een niet geringe prestatie…

www.troyolsen.com

http://www.cdbaby.com/cd/troyolsen

 

 

JEFF BLACK “B-Sides And Confessions Volume One” (Dualtone)

(4,5) J J J J J

 

 

Jeff Black had met “Birmingham Road” tot voor enkele weken slechts één enkel album op zijn actief. En nu komen er daar van de weersomstuit liefst twee bij. Bij New West verscheen onlangs “Honey And Salt”. En Dualtone vergast ons op “B-Sides And Confessions Volume One”.

En dat is een waarlijk adembenemende collectie liedjes, die qua sfeer heel erg dicht in de buurt komen bij John Hiatts alom geprezen meesterwerk “Bring The Family”. Dezelfde spaarzame begeleiding, dezelfde doorleefde zang, dezelfde intense teksten,… Nummers als “Slip”, “Same Old River”, “Sunday Best” en “To Be With You” zorgen alvast voor een constant gevoel van welbehagen bij deze luisteraar.

Héél mooi!

www.jeffblack.com

www.dualtone.com

 

 

DRUNK STUNTMEN “Iron Hip” (Natural Disaster Records)

(4) J J J J

 

 

Met méér dan 200 shows verspreid alleen al over de laatste tien maanden zijn de Drunk Stuntmen volop in de weer met een soort charmeoffensief waarbij de States eraan moeten geloven. En afgaande op het materiaal dat het zestal uit Northhampton, Massachusetts op zijn derde cd “Iron Hip” aan te bieden heeft, leidt het geen twijfel dat dat vroeg of laat zal gaan gebeuren ook. Van bij de fraai opgebouwde opener “Downtown” tot aan het sluitstuk van de cd, de recht-toe-recht-aan-rocker “First Class Clowns” krijg je hier werkelijk geen seconde de kans om je te vervelen. De Drunk Stuntmen vinden gezwind hun weg van heftige rockuitspattingen (als “Low” of “Panic”) naar ingehouden Replacements-achtige momenten (als “Out Of Bed”) of zelfs ballads (als “Iron Hip” of “Stars”). En tussendoor wordt met het zomerse pareltje “Heidi” met een vette knipoog zelfs even volop gelonkt naar alles wat naar hitparade ruikt!

Live moet dit gewoon onweerstaanbaar zijn…

www.drunkstuntmen.com

 

 

DICK SMITH “Smoke Damage” (Clayhead Records)

(4) J J J J

 

 

Dick Smith – met zo’n naam verwacht je een wat verzopen ogende singer-songwriter met een versleten gitaar in de ene en een halflege fles Jack Daniels in de andere hand, vergeefs bedelend om aandacht in een donkere uithoek van de één of andere duistere kroeg. Maar de vlag blijkt de lading hier helemaal niet te dekken… Die kroeg tot daar aan toe, maar wat de rest betreft…

Dick Smith blijkt niets minder te zijn dan een trio uit de buurt van Chicago, dat met “Smoke Damage” –na “Swill”- al aan zijn tweede cd toe is. De heren serveren daarop een heel aparte alternatieve kruisbestuiving van bluegrass, country en akoestische rootsmuziek met een punkrandje. Ze omschrijven het zelf als “Strange country for a strange country”. Wat kan je daar nog aan toevoegen?

Dat het gebodene bijzonder aanstekelijk werkt bijvoorbeeld! Het klinkt een beetje als de Pogues die voor de fun de “O Brother Where Art Thou?” soundtrack tackelen en zich daarbij kostelijk vermaken. Nummers als “Whiskey Bottle”, “Pissin’ Rain” en “Trouble Bound” waren dan ook al weken in ons hoofd rond.

Dit moet zowat de enige “Smoke Damage” zijn waarvoor niet dient te worden gewaarschuwd in kleine lettertjes, wel integendeel… Van harte aanbevolen!

www.clayheadrecords.com

 

 

CYNDI BOSTE “Push Comes To Shove” (Black Market Music)

(3,5) J J J J

 

 

Lucinda Williams down under? En met een nieuwe naam? Onzin natuurlijk! Maar wel verdomd handig als hulpmiddeltje om deze Australische aan je voor te stellen! Cyndi Boste vertoont immers in heel wat opzichten raakpunten met Williams. Dat wordt gelijk in opener “Push Comes To Shove” al duidelijk. En dat gevoel raakten we de hele plaat lang ook niet meer kwijt. Opgepast, dit is geen kritiek, hoor! Daarvoor is “Push Comes To Shove” gewoon te goed - én te persoonlijk! “Holy Water” bijvoorbeeld is een kanjer van een rootsrocktrage, waarin Boste terugblikt op een stukgelopen relatie. En songs van dat kaliber zijn hier eerder regel dan uitzondering: het soulvolle “Cry Down” is er nog zo één, of het bluesy “To My Left”, of het nogal diepzinnige “Suffer Me (One More Day)”.

In onze platenkast heeft Boste dan ook een welverdiend plaatsje naast Lucinda Williams en Mary Gauthier gekregen!

www.cyndiboste.com.au

 

 

TREETOPS “What’s The Matter, Baby?” (Cavalier Music)

(4) J J J J

 

 

Ben Montero, Jordan Speering, Emmett Smith en Leif Gordon-Bruce vormen samen de Treetops. Deze veelbelovende jonge band uit Melbourne, Australië pakt op de mini-cd “What’s The Matter, Baby?” uit met zoveel heerlijke harmonieën, rinkelende gitaartjes en wolken van songs dat wij er even de pedalen bij kwijtraakten. Als invloeden noemen ze zelf de Byrds, Love, de Beach Boys, de Lovin’ Spoonful, de Lemonheads, de Breeders en de Flaming Lips. En met die groepen delen ze alvast een neus voor perfecte melodieën .

Van “Tidal River” over “Treatin’ You Alright” tot “Castaway” – van “What’s The Deal?” over “(B)rain For You” tot “Feel It” – niet één zwakke schakel te bekennen hier! Het is dus toch waar, wat de Duitsers ons al zo lang voorhouden: in der Beschränkung zeigt sich der Meister! Slechts zes nummers, maar wel zes uitstekende!

www.halfacow.com.au

www.geocities.com/popboomerang

 

 

DANNY BRITT “The Other Side” (Austin Red Dawg Publishing)

(3,5) J J J J

 

 

Alweer een toffe plaat afkomstig uit Austin, Texas. Er lijkt geen einde aan te willen komen…

Danny Britt is de naam die we ditmaal aan het stilaan indrukwekkende proporties aannemende lijstje mogen toevoegen. De man beschikt over een stem die ons een beetje herinnert aan die van de jonge Chris Rea. En hij weet duidelijk ook hoe een goede song te schrijven. Nummers als “The Devil’s Got Him Down” (over de demon die Alcohol heet), “Time (over een rusteloos bestaan) en “Only Memories Remain” (over wat er in je leven anders had gekund) bewijzen dat ten volle.

Op zijn best is Danny Britt echter in de meer country georiënteerde songs als de ballad “Carry Me Home” en het bluegrassy “Another Place And Time”. Misschien moest hij in die richting zijn toekomst wel gaan zoeken, want dit is werkelijk uitstekende stuff!

Vermelden we ten slotte ook nog even dat Britt voor het titelnummer van de plaat, “The Other Side”, mocht rekenen op een handje hulp van Kelly Willis en Bruce Robison en dat hij het geheel zelf produceerde samen met ouwe getrouwe Chip Dolan.

Sympathiek plaatje!

www.reddawgmusic.com

 

 

MESSERLY AND EWING “The Last Twelve Hours” (Roca Records)

(3,5) J J J J

 

 

Mark Messerly en Brian Ewing zijn met “The Last Twelve Hours” niet aan proefstuk toe. En dat hoor je ook, vinden wij… Op hun derde cd ondertussen alweer, worden (power)pop, folk en rootsrock versmolten tot een bij momenten onweerstaanbaar geheel, waarbij R.E.M. nooit echt ver uit de buurt is. Songs als “Everything”, “Lucky Town” of “The Story” mogen wat ons betreft van een grote strik voorzien radiowaarts. Messerly en Ewing doen het in die nummers wat rustiger aan. En precies daar schuilt hun sterkte, in die melodieuze wat tragere songs. Dan ga je merken, dat dit tweetal razend knappe songs in de pen heeft en dat een doorbraak in het alt. pop en rockcircuit welhaast niet kan uitblijven.

www.messerlyandewing.com

 

 

HAVES & HAVES “Haves & Haves” (Way Out West)

(3,5) J J J J

 

 

Vanuit Groot-Brittanië bereikte ons enkele weken geleden het plaatdebuut van Janis en Geoff Haves. Een mooie cd vol met aanstekelijke deunen –net wel of net niet americana- gedragen door de uitstekende stem van de vrouwelijke helft van het duo, Janis. Wij konden ons niet van de indruk ontdoen dat hier een paar kant-en-klare radiohits op staan. Het zomerse “An Evening Spent Alone” bijvoorbeeld of het statige slotnummer van de plaat “Turn Your Love Around” zouden ook bij een wat breder (pop)publiek in de smaak moeten kunnen vallen. Héél knap ook – de hartverscheurend mooie ballades “Why Should I” en “Shameless”, waarin Janis Haves echt volop kan schitteren.

Wij kijken nu al uit naar een vervolg!

www.havesandhaves.co.uk

 

 

LORI McKENNA “Paper Wings And Halo” (Signature Sounds)

(4) J J J J

 

 

Mateloos is de bewondering die wij koesteren voor jonge performers als Lori McKenna. Je moet het toch maar doen - vaak slechts gewapend met enkel een gitaar en een handvol songs heeft ze haar publiek toch voortdurend aan haar lippen hangen. Haar songs zijn dan ook echte juweeltjes – thema’s als ouder worden, discriminatie en de complexiteit van menselijke relaties krijgen hier een eigentijdse folkaankleding mee die liefhebbers van collega’s als Ani DiFranco, Shawn Colvin, Jewel en Sarah McLachlan om er maar enkele te noemen ook moet kunnen bekoren.

Daarbij betreft het hier eigenlijk haar debuutcd daterend uit ’98, die –aangevuld met 3 eerder niet verkrijgbare liveopnames en voorzien van nieuw artwork- eindelijk ook voor het grote publiek verkrijgbaar gemaakt werd.

Onze absolute favorieten op deze uitstekende plaat zijn het titelnummer “Paper Wings And Halo”, het enig mooie “Swallows Me Whole” en het bitterzoete “Would You Love Me Then”.

Intrigerend!

www.lorimckenna.com

www.signaturesounds.com

 

 

ERIC SKELTON “The Story E.P.” (In eigen beheer uitgebracht!)

(3,5) J J J J

 

 

Vier nummers van een twintigjarige singer-songwriter afkomstig uit Columbia, SC die zelf laat weten beïnvloed te zijn door zo uiteenlopende collega’s als Coldplay, Cat Stevens en Pete Yorn.

“Story Of A Boy”, “All I Need Is You”, “Make-Up” en vooral ook “All The Lights In Georgia” laten een heel erg zelfverzekerde jongeling horen met flink wat in zijn mars. De vraag lijkt dan ook gerechtvaardigd, welke major hem tekent. Bij fans van het eerder vermelde Coldplay zou de muziek van Eric Skelton wel eens in goede aarde kunnen vallen.

www.ericskeltonmusic.com

 

 

BRADLEY WEAVER “Think” (Highland Sessions)

(3) J J J

 

 

Bradley Weaver & The Bad Directions, een trio afkomstig uit Pennsylvania, brengen op “Think” wat ze zelf “rurale rock” noemen. Wat moet je je daarbij voorstellen? Een soort smeltkroes van alt. country, pop en rock, waarin de invloed van artiesten als Neil Young, Eddie Vedder en Tom Waits onmiskenbaar doorklinkt.

Vooral ome Neil weegt bij momenten zwaar op het geluid van de groep. In het lekker wegrockende titelnummer “Think” bijvoorbeeld of in “Ask Me Again” ook wel is dat overduidelijk merkbaar.

Wij vinden echter vooral de meer ingetogen momenten op deze plaat de moeite waard. “I Said” is zo gewoon een heel fraaie popsong. En ook “Until The Day” zou niet misstaan op de radio.

www.bradleyweaver.net

http://cdbaby.com/cd/bradleyweaver2

 

 

EVANGELINE “Beer Talkin’” (In eigen beheer uitgebracht!)

(3,5) J J J J

 

 

Evangeline is een zeskoppig Schots gezelschap, dat met “Beer Talkin’” een naar Europese normen zeer geslaagd countryalbum aflevert. Je vraagt je af, hoe dit zou klinken als men in Nashville met topsessiemuzikanten en een gereputeerde producer had kunnen werken. Pas dan zou je “Beer Talkin’” immers echt goed kunnen vergelijken met de Amerikaanse producten van nu.

Wat de composities betreft staat Evangeline alvast stevig in zijn schoenen. De seventies feel van “If I Can Let Them Go”, het cajuneske “Run With The Devil” en het mooie harmonica- en steelgitaarwerk in het aangenaam nazinderende “Flying On The Wings Of An Angel” zijn slechts enkele van de vele tracks die ervoor zorgen dat de groep hier een veelbelovende indruk achterlaat. In het oog te houden door alle countryfans der Lage Landen derhalve!

www.evangeline.org.uk

 

 

GREG TROOPER “Floating” (Sugar Hill / Munich)

(5) J J J J J

 

 

Met deze plaat moet het voor Greg Trooper nu eindelijk maar eens gaan gebeuren! De man staat al jarenlang garant voor uitstekende songs en dito vertolkingen, maar met “Floating” overtreft hij toch onze stoutste verwachtingen! Dit is americana rootspop van hetzelfde kaliber als we gewoon zijn geraakt van een Buddy Miller of een Steve Earle – die laatste blijkt trouwens zelf een grote fan van “Troop” te zijn!

Het album opent bijzonder soulvol met “The Road So Long”, een sterk staaltje van muziek geworden eenzaamheid. En ook van “When My Tears Break Through” straalt diezelfde warme gloed af. Hoe komt ’t toch vraagt Trooper zich hierin voor zijn geliefde af, dat alle ellende in de wereld mij nauwelijks schijnt te raken, terwijl alles wat met jou te maken heeft, mij tot tranen beweegt… Iets om over na te denken inderdaad…

Het speelse “Lucky That Way” verhaalt dan van een onbeantwoorde liefde en het statige titelnummer zet je vervolgens enkele tellen lang op het verkeerde been – niet de rust die van de rivier uitgaat is hier van belang, wél het whodunit-verhaal achter een meisjeslichaam dat er dood werd in aangetroffen. Zowel qua sfeer, als qua tekstuele invulling getuigt “Floating” van een buitengewone schoonheid!

In “Hummingbird” werpt het hoofdpersonage aansluitend de handdoek in de ring - een wat sombere inkleuring voor een op het eerste gehoor erg positief overkomend nummer. En in het alweer erg soulvolle “Apology” excuseert Trooper zich voor in het verleden gemaakte fouten.

Het voor ons mooiste nummer van deze toch al bepaald niet kinderachtige plaat is dan het rootsy niemendalletje “From Only You”, waarin Trooper, daartoe aangespoord door de mandoline van Jake Armerding en het accordeon van Phil Madeira, schaamteloos de romantische toer op gaat. Al moet ons dan wel direct van het hart, dat ook het ondertussen al door Steve Earle aan zijn repertoire toegevoegde “Muhammad Ali (The Meaning Of Christmas)”, het met Maura O’Connell in duet gezongen “Inisheer” of het verstilde “The Lasting Kind” die eer misschien wel zouden verdienen.

Als we ’t hier over wijn zouden hebben, dan zouden we gewagen van een grand cru!

www.gregtrooper.com

http://www.sugarhillrecords.com/catalog/pagemaker.cgi?1075

 

 

MARIA McKEE “High Dive” (Viewfinder Records)

(4) J J J J

 

 

“High Dive” is Maria McKee’s eerste nieuwe cd in zeven lange jaren, de lang verwachte opvolger dus van “Life Is Sweet” uit 1996. Het is tevens haar eerste album voor haar eigen Viewfinder Records. Complete artistieke vrijheid this time around dus… En dat hoor je!

Opener “To The Open Spaces” wordt in die context veelzeggend, een hymne aan het wijdse, aan the open road, aan vrijheid met andere woorden…

Heel knap is ook “Life Is Sweet”, het op een indrukwekkend magisch tapijt van strijkers rondzwevende verloren gelopen titelnummer van haar vorige cd. Groots! Zoals ook het titelnummer van deze plaat trouwens! “High Dive” is een klassieke popsong, compleet met blazers, strijkers, piano, noem maar op…

En ook nummers als “My Friend Foe”, “In Your Constellation”, “Love Doesn’t Love” en volgende hebben eigenlijk een zeer poppy karakter. Ver weg van haar prille werk bij Lone Justice of zelfs solo.

Maar die stem uit de duizenden, die blijft natuurlijk wel hetzelfde verhaal vertellen: passie, soul, intensiteit… volop Maria McKee!

www.mariamckee.com

 

 

ROWWEN HEZE “Dageraad” (V2)

(4) J J J J

  

 

“Dageraad” heet de jongste worp van Los Limbos en dat is niet meteen een lukraak gekozen titel. Jack Poels lijkt tekstueel inderdaad geregeld een nieuwe bladzijde –of ochtend- in zijn leven te willen gaan beschrijven. En dat levert als vanouds fraaie Limburgse dialectmomenten op.

Of het nu de gebruikelijke polka’s en walsjes of de rootspopmomenten en ballades betreft, Poels voelt zich als een vis in het water in zijn dialect. De poëet uit de Peel verheft ook nu weer tal van dagdagelijkse tafereeltjes tot aangrijpende popmomenten: het verlies van zijn geluksknikker (“Geluksknikker”), een vluchtige ontmoeting op de trein (“Gespeegeld In De Raam”), tot rust komen in Ierland (“Eiland In De Regen”), het vechten tegen zijn vliegangst (“Stewardess”). Enkele in het oog springende momenten zijn verder het wat mystiek aandoende “Vlinder”, een cover van het Karen Poston nummer “Lydia”, en “Licht Op de Lakes” – ook al een cover van Cat Stevens’ “Morning Has Broken”- waarin Poels met zichzelf in het reine lijkt te komen.

Heel geslaagd vonden wij verder ook “Hoe Kan Dat Da”, het soort meezinger waarmee Rowwen Hèze ooit een stevige live-reputatie opbouwde, en vooral ook “D.A.D.P.G.S.”, met een levenslustige oplossing voor elk probleem:

“D’r helpt nog mar ien ding

jong, ge mot drinke

als de pis giet stinke

leave, lache en zing.”

Een filosofie waarmee best te leven valt…

www.rowwenheze.nl

p.s.: Voor snelle kopers gaat deze cd vergezeld van een bonus DVD met zes liedjes van “Dageraad” live opgenomen tijdens de theatershow “D.A.D.P.G.S.” in De Oranjerie in Roermond.

 

 

KEVIN DEAL “The Lawless” (Blind Nello Records)

(5) J J J J J

 

 

Wie Kevin Deal kent van zijn vorige drie platen (“Lovin’ Shootin’ Cryin’ And Dyin’”, “Honky Tonks–N-Churches” en vooral ook “Kiss On The Breeze”) staat nu al met één been in de platenzaak. En volkomen terecht ook! Kevin Deal bewijst immers ook op “The Lawless” weer een bijzonder begenadigde storyteller te zijn. En met zijn hese, wat rasperige stem –ergens tussen Steve Earle, Jack Ingram, Joe Ely en Bruce Robison- brengt hij dit keer tien van die eigen songs aangevuld met werk van Max Stalling, Hank Williams en Lynyrd Skynyrd. Lloyd Maines tekende opnieuw voor de productie. En Terri Hendrix is een opgemerkte gaste

De zelfkant van het oude en nieuwe Westen vormt het fraaie decorum voor pareltjes van songs als “Quicker Than The Eye”, “The Lawless”, “Gideon”, “Pick ‘em To Win”, “Backslidin’ Man” en andere. Nummers die op ons dezelfde aantrekkingskracht uitoefenen als een eenzaam brandende kaars op een mug op een warme zomeravond. Deal heeft echt een gouden pen…

“Gonna play a little Robin Hood I’ll be the poor

best do as I say empty out that drawer”,

zingt hij bijvoorbeeld in “Backslidin’ Man”. Dat soort van spitsvondigheden en werkelijk schitterende verhalen over drinken, gokken, stelen, het leven on the road, geloven,etc. kleuren ons verdict. Kevin Deal heeft met “Lawless” opnieuw een kanjer van een album afgeleverd, alweer een kandidaat voor onze eindejaarslijst! Grote, grote klasse!!!

www.kevindeal.com

 

 

DANIEL LANOIS “Shine” (Anti/Epitaph)

(4,5) J J J J J

 

 

Tien jaar was het alweer geleden, dat Daniel Lanois nog eens uitpakte met eigen plaatwerk. Toen wist hij met “For The Beauty Of Wynona” nog moeiteloos een vervolg te breien aan zijn goed onthaalde debuut “Acadie”. En geloof ons vrij, ook nummer drie zal zijn weg naar een groot publiek snel weten te vinden, want Lanois lijkt in de vorm van zijn leven te verkeren! Daarenboven kan hij rekenen op menig een wederdienst van mensen die hij ooit van zijn geluidsstempel voorzag.

Ook op “Shine” is het er trouwens weer, dat onmiddellijk herkenbare panoramisch-atmosferische geluidstapijt, waarop het zo zalig toeven is. Enkele noten van “I Love You” (Met Emmylou Harris!) volstaan om spontaan de naam Daniel Lanois weer te laten oplichten. En bij “Falling At Your Feet” denk je er zelfs even die van zijn klanten van U2 bij. Geen wonder ook, als je weet dat Lanois het nummer samen met Bono schreef tijdens de opnamesessies voor “All That You Can’t Leave Behind” en het nu ook met de U2-voorman brengt.

Voor het overige roept “Shine” geregeld “Acadie” in herinnering. Net als Lanois’ debuut profiteert ook zijn derde cd ten volle van een tot de stricte essentie herleid instrumentarium. Onder het motto minder is meer zorgt Lanois voor nogal wat beklijvende momenten. Wij onthouden vooral het op een heerlijk pedal steel motiefje wegdromende “Transmitter”, het in Mexico ingezongen titelnummer waarbij we vrijwel onmiddellijk aan Peter Gabriel moesten denken én het gloedvolle “Slow Giving”, waarin Lanois duidelijk laat blijken zwaar beïnvloed te zijn door Brian Eno’s samenwerking met David Bowie tijdens de zeventiger jaren.

Het lijkt misschien een wat bizarre conclusie, maar ondanks het altijd en overal herkenbare Lanois-geluid is “Shine” een heel erg gevarieerd album geworden. Wat het echter nog sterker maakt, is dat het in die diversiteit toch onmiskenbaar tot één geheel uitgroeit. Een geheel bovendien, waarvan van de eerste tot de laatste noot een soort van bezwerende schoonheid afstraalt!

Laat ons dan ook hopen, dat Lanois ons op zijn volgende niet weer 10 jaar laat wachten…

www.daniellanois.com

www.anti.com

 

 

AMY RIGBY “Til The Wheels Fall Off”

(Signature Sounds)

(4) J J J J

 

 

The Mod Housewife, zoals ze in de Amerikaanse vakpers liefdevol genoemd wordt, is terug van even uit de schijnwerpers geweest. Amy Rigby vond onlangs nieuw onderdak bij het kleine maar gereputeerde label Signature Sounds en laat nu een zeer gedreven overkomende nieuwe cd op de wereld los. Heel wat bekende vrienden werden bereid gevonden om op die plaat, “Til The Wheels Fall Off”, hun duit in het zakje te komen doen. We noemen o.a. Duane Jarvis, Bill Lloyd (Foster & Lloyd), Ken Coomer (Wilco), Will Kimbrough en Todd Snider als de meest in het oog springende. Die laatste deelt met Rigby het fraaie titelnummer van de plaat. Heel mooi ook, het ingetogen voortkabbelende eigentijdse liefdesliedje “Don’t Ever Change”.

Het hilarische “Are We Ever Gonna Have Sex Again?” dan weer steekt op speelse wijze de draak met onze huidige jachtige levensstijl.

Als zelfs aan die primaire behoefte niet meer wordt voldaan, ja dan… “The Deal” lijkt vervolgens het muzikale gezelschap van Burt Bacharach wel te kunnen waarderen – al zou het ook gewoon Ben Folds geweest kunnen zijn… Het resultaat werkt in elk geval enigszins bevreemdend! Heel wat conventioneler van opzet is dan “O’Hare”, dat niet zou misstaan hebben op een Tom Petty plaat. En ook “Even The Weak Survive”, “Last Request” en “All The Way To Heaven” zijn bovenste beste poprock.

Conclusie: Amy Rigby kan het nog! Ze pakt als vanouds uit met zeer degelijk plaatwerk. Ons verwondert het eigenlijk al lang niet meer…

www.amyrigby.com

www.signaturesounds.com

 

 

MARK JUNGERS “Standing In Your Way”

(American Rural Records)

(5) J J J J J

 

 

Not your typical Texan! Mark Jungers en zijn band presteren het op de opvolger van hun eersteling (“Black Limousine”), “Standing In Your Way”, tegelijk heel erg Texaans aan te voelen en toch mijlen ver weg van de Texas Music Chart concurrentie te opereren. Zijn rurale roots, zijn tijd on the road en zijn levenservaringen vormen daarbij vaak de ruggengraat voor zijn songs. Naast twaalf van die eigen songs krijgen we ook één cover voorgeschoteld, het goedgekozen “Knoxville Girl” met name.

Jungers’ muziek is een smeltkroes van bluegrass, rock en folk. En qua stemt valt hij ergens tussen Robert Earl Keen, Steve Earle, Jack Ingram en Bob Dylan te situeren. Met die laatste lijkt hij trouwens ook een zekere voorliefde voor het gebruik van de harmonica te delen. Zijn songs zijn vrijwel zonder uitzondering 24 karaats diamantjes. Met speciale vermeldingen voor “No Easy Way To Go” (over zijn vaders dood en de manier waarop de familie hiermee omging), “Going Nowhere” (over het zoeken naar the right place to be) en “Sentimental Guy” (over de belangrijke rol die boeren nog steeds spelen in onze samenleving).

“Standing In Your Way” is verreweg de sterkste cd die ons recentelijk uit Texas bereikte!

Vijf sterren!

www.markjungers.com

http://cdbaby.com/cd/jungers02

 

 

VARIOUS ARTISTS “Blue Highways 2003 Vol. 4”

(CRS)

(4) J J J J

 

 

Het is er weer het jaarlijkse, prettig geprijsde staalkaartje (Aankoopprijs: om en bij de vijf euro, goedkoper krijg je ’t zelf niet gemaakt…) van americanatalent dat zijn tenten heel even in Utrecht opslaat voor het Blue Highways festival aldaar. De vierde cd inmiddels in het rijtje. En ook deze keer weer tot de nok toe gevuld met prima muziek, gekozen door Arno Looijen van CRS. We worden vergast op tracks van de laatste cd’s van Slobberbone, Billy Joe Shaver, Mary Gauthier, Florence Dore, Beaver Nelson, Bobby Bare Jr., Rod Picott, Kathleen Edwards, Laura Cantrell, Caroline Herring, Two Tons Of Steel, Porter Hall, TN., The Weary Boys, The Domino Kings en Gurf Morlix.

Toetjes zijn er zoals steeds ook weer voorzien. Van Buddy Miller en Greg Trooper meer bepaald ditmaal. Miller horen we aan het werk tijdens Blue Highways 2001 met “Hole In My Head” en van Trooper werd “These Sunday Nights” op deze collectie opgenomen, vastgelegd tijdens het festival van vorig jaar. Van Greg Trooper krijgen we bovendien ook nog “Lovin’ Never Came That Easy” aangeboden, van de hier pas in de herfst van dit jaar bij Munich Records te verschijnen live-registratie “Live At The Pine Hill Farm”.

Sympathiek initiatief – prima cd! Op naar nummer vijf!

www.vredenburg.nl

www.continental.nl

 

 

KRISTI ROSE “Live In Holland

(Continental Song City / CRS)

(4) J J J J

 

 

“No sleep, no sound check, no problem” vermeldt de binnenhoes van deze cd veelzeggend! Sprake is er hier van een live-registratie van Kristi Rose tijdens het Blue Highways festival in Utrecht op 10 maart 2001. The Ultimate Americana Music Fest als ideale voedingsbodem voor de “pulp country” van Rose dus, die met haar wel zeer aparte benadering van het countrygenre de aanwezigen al snel op de hand heeft. Kristi Rose eet van heel wat walletjes tegelijk: countryrock, western swing, flamenco, rootspop, rockabilly,… ze vinden allemaal hun weg naar haar songs. Pel één laagje weg – je zal zien, je stuit zo op iets anders… Het wat breedsprakerig rockende “History” (“Last night we didn’t make love, we made history!”), de gypsy feel van “Johnny “WR” Guitar” en de onweerstaanbare “Salty Boogie” vormden voor ons de hoogtepunten van deze dampende set. Een beter uithangbord voor hun festival konden de organisatoren van Blue Highways zich nauwelijks wensen!

www.kristirose.com

www.continental.nl

 

 

RANDY ROGERS BAND “Like It Used To Be”

(Down Time Records)

(4,5) J J J J J

 

 

Het moet iets in het water ginder zijn… Kan bijna niet anders!

Dat er zich velen geroepen zouden voelen om in de voetsporen van Robert Earl Keen, Pat Green en Jack Ingram op zoek te gaan naar succes, dat viel te verwachten. Dat daarbij zoveel kwalitatief goede acts zouden opduiken daarentegen, had niemand ooit kunnen vermoeden.

De Randy Rogers Band, de volgende in het rijtje, zijn een vijf man sterk gezelschap uit San Marcos, dat met “Like It Used To Be” al aan zijn tweede album toe is. (Hun eerste was de live cd “Live At Cheatham Street”.) Daarop hebben de heren een perfect evenwicht gevonden tussen meer traditionele country en wat voor het ogenblik hot is in Texas. Vooral het veelvuldige gebruik van de mandoline en de pedal steel werkt dat gegeven in de hand.

Sterke songs à volonté ook op deze plaat. “Friends With Benefits” bijvoorbeeld, een duetje met Libbi Bosworth, of “Disappear”, de wat bevreemdende opener van de plaat, of het overspelverhaal met fatale afloop “Tommy Jackson”, of het sterke titelnummer “Like It Used To Be” om er maar enkele te noemen.

Randy Rogers schrijft heerlijke, goed in het gehoor liggende deunen, die daarenboven ook steeds weer een fraaie muzikale aankleding meekrijgen. ‘t Zou ons niks verbazen, als Rogers ook buiten Texas heel populair zou worden! Straffe kost!

www.randyrogersband.com

http://www.lonestarmusic.com/album.asp?aid=1562

 

 

JIM MALCOLM Home (Beltane records)

(3,5) J J J J

 

 

Met zijn vierde cd “Home” bevestigt Jim Malcolm (Old Blind Dogs) zijn status als één van de beste Schotse folkzangers van het ogenblik. Het album is opnieuw een indrukwekkende melange van traditioneel materiaal en nieuwe songs. En opvallend daarbij is, dat Malcolm ze allemaal met hetzelfde sprekende gemak wist in te passen in het goed samenhangende geheel dat “Home” uiteindelijk is geworden.

Van lekker ouderwets romantisch aandoende deunen als “Fields Of Angus” of “The Lea-Rig” over zijn bewerking van een oud Schots gedicht in “Sir Patrick Spens” tot de soulvolle gloed van “Simple Little Steps (Song To Myself)” - Malcolm voelt zich hoorbaar thuis in al het hier aangeboden materiaal. Het hoeft dan ook helemaal niet te verbazen, dat “Home” een album geworden is, dat staat als een huis.

En het op heerlijk harmonicawerk opgetrokken “Simple Little Steps” verdient het eigenlijk gewoon een gigantische hit te worden!

www.jimmalcolm.com

 

Opgelet!Jim Malcolm treedt op vrijdag 25 april op in de Muziek-O-Droom te Hasselt!

 

 

JOHN HINSHELWOOD “Holler Til Dawn”

(Little Roots Records)

(4,5) J J J J J

 

 

De mooiste countryplaten vind je dezer dagen in de meest onverwachte uithoeken. Een treffend voorbeeld bij die vaststelling is “Holler Til Dawn”, de derde cd van de in Glasgow woonachtige singer-songwriter John Hinshelwood. Elf ijzersterke originelen en doorleefde versies van nummers van Little Feat (Six Feet Of Snow”), de Flying Burrito Brothers (“My Uncle”) en Kathy Stewart (“Your Secret Love”) staan op het menu. Daarbij mag Hinshelwood regelmatig een beroep doen op de hulp van vaardige vrienden als ex-Byrd Gene Parsons, Cathryn Craig en Kathy Stewart. En het resultaat, dat moet gezegd, is van een werkelijk verbluffend hoog niveau!

Nummers als het traditionele countryduet “In Another World”, de kippenvelballade “Your Move”, het door dobro, banjo en mandoline gedragen juweeltje “Message To You” of het met Gene Parsons vertolkte “We’re All In This Together” vertellen allemaal hetzelfde verhaal: John Hinshelwood is een uitzonderlijk talent!

Nagenoeg perfect!

www.littleroots.com

 (Voor on line bestellingen van dit kleinood!)

 

THE SILVERTONES “New Hi-Fi Westernbilly Styles Vol. #1”

(Boogie Woogie Beagle Boy)

(3,5) J J J J

 

 

Good old “hardcore” country & western music –zoals ze het zelf noemen- afkomstig uit Canada. De Silvertones blijken op hun eersteling van veel markten thuis te zijn. Van de swingbilly van “Boogie Woogie Dynamo” of de western swing van “Roly Poly” tot de bluegrass feel van “Can’t Forget” of de honky tonk ballade “These Four Walls”, het klinkt allemaal even fris en ontspannen.

Enkele verdere favorietjes misschien nog? Het twangbeladen “Walk It Off” is er zeker één, evenals het zuiders aandoende “Rosalita” en het aan de Mavericks herinnerende “This Heart Of Mine”.

Typisch zo’n plaat voor warme zomerdagen, als het autoraam naar beneden kan en het volume omhoog…

www.silvertones.com

 

 

THE SPOKANE CHIEFS “Tears Upon The Desert Ground”

(Sam Sam Music)

(3,5) J J J J

 

 

De Spokane Chiefs zijn een vier man sterk gezelschap afkomstig uit Leiden, dat met “Tears Upon The Desert Ground” z’n cd-debuut aflevert. Muzikaal gezien zijn ze vooral te situeren in de countryrockrichting die in het verleden groepen als de Eagles en Poco voortbracht. Wat hen sterk maakt zijn hun vierstemmige close harmony vocalen, die menig een nummer nog net dat zetje extra meegeven. De mooie openingstrack “Can’t Help Myself” en de enige cover op de plaat, “Stay With Me”, bijvoorbeeld - die klinken als een kruising tussen de Eagles en het rustigere werk van Creedence Clearwater Revival. Héél mooi dus!

En ook het nummer waaraan het album z’n titel ontleende, de fraaie ballade “Fly On (Tears Upon The Desert Ground)”, haalt datzelfde prima niveau. Tot aan de frivole single “ Brand New Cadillac” konden wij ons dan ook niet van de indruk ontdoen, dat in die richting de toekomst van de Spokane Chiefs moest liggen. Maar met dat laatste nummer bewijzen de heren afdoende ook het vlottere werk best wel aan te kunnen.

De eindbalans helt dan ook flink in het voordeel van de Chiefs over. Het geluid mag nog wat voller misschien, maar gemeten naar Nederlandse normen en begrippen is dit een uitstekende, aangenaam wegluisterende americanaplaat!

www.thespokanechiefs.com

 

 

ERIK THORSON “Too Close To The Moon”

(Aletree Records)

(4) J J J J

 

 

Met twaalf nummers, waarin hij zelf telkens een flinke vinger in de pap had, weet Erik Thorson ons hier aangenaam te verrassen. De man levert met “Too Close To The Moon” een rijk geschakeerd, aangenaam aanvoelend album af, waarop heel wat te genieten valt. Van de swampy opener “Voodoo Juice” tot de lekkere twang van “It Went Without Saying” of het walsje “I Never Liked Waltzes ‘Till Now” – van het met Kathy Mattea gedeelde titelnummer tot de klassieke country van “Tears To You” of het aan Don Williams herinnerende “Corner Of Heaven” - dit is country van de bovenste plank!

www.erikthorson.com

 

 

LESLIE ALEXANDER “Savage Country”

(Superoops Records)

(4) J J J J

 

 

Met een werkelijk sublieme rootsy versie van Dolly Partons “Bargain Store” weet Leslie Alexander ons onmiddellijk om haar vinger te winden. In een productie van John Ellis (bekend van zijn werk met de Be Good Tanyas) en Wyckham Porteous (zelf een prima singer-songwriter) creëert deze uit Vancouver (Canada) afkomstige singer-songwriter op haar tweede cd een muzikale hybride, waarin folk, country en rock voortdurend om elkaars gunsten dingen. “Savage Country” is het creatieve ei van een kunstenares die zowel van het leven op het platteland, als van de grootstedelijke gejaagdheid geproefd heeft. Dat verklaart de nogal intense mood swings op deze plaat. Heel heftig en uitermate ingetogen liggen hier vaak heel erg dicht bij elkaar.

“Savage Country” is een plaat die zowel de liefhebbers van rootsrock en americana, als die van commerciële country moet kunnen aanspreken. Nummers als het akoestische “Rachael’s Song”, het knap opgebouwde titelnummer “Savage Country”, het pittig rockende “The Jones” of het ingetogen pareltje “Father’s Day” geven aan deze plaat een heel erg apart karakter mee.

Alleen al omwille daarvan staat Leslie Alexander vanaf nu met een dikke rode stip op ons lijstje van in de gaten te houden talenten! En eenieder die wel eens iets van Mary Chapin Carpenter of Rosanne Cash tot zich neemt, kan deze vette kluif ook maar best opgraven…

www.lesliealexander.com

 

 

THE COMING GRASS “Transient” (Velvet ‘Ed Music)

(4,5) J J J J J

 

 

Wanneer men het over The Coming Grass heeft, dan valt zonder uitzondering steeds weer de naam Ken Coomer. En da’s bij dezen dus meteen ook al gebeurd… Wilco-drummer Coomer mag dan al wel het slagwerk voor zijn rekening nemen hier, het zijn toch vooral anderen die de show stelen. Sara Cox bijvoorbeeld, die zich met de fraaie countryrocktrage “Firewater” tot diep in onze harten heeft gezongen. En Nate Schrock die in het al even geslaagde “Stowaway” laat horen ook over uitstekende stembanden te beschikken.

The Coming Grass staat voor een vleugje Wilco, een snuif Replacements en een toefje Lucinda. Wat met dergelijke ingrediënten uit de bus kan komen hoor je op “Transient”: een aanstekelijke cocktail van americana, rootspop en gitaarrock. Nummers als het al eerder vermelde “Firewater”, “Fix Your Own Cup Of Tea” of “Vacancy Sign” lieten hier alvast diepe sporen na… Sterke plaat!

www.thecominggrass.com

 

 

HALEY BONAR “… The Size Of Planets”

(Chairkickers’ Music)

(3,5) J J J J

 

 

19 jaar oud. Al 2 cd’s in eigen beheer op haar actief. En nu is er met “… the size of planets” dus een derde. Haley Bonar (Spreek uit: Bonner!) timmert aan een serieus tempo aan de weg, zoveel is zeker!

Voor de opnamen van haar nieuwe album trad ze daarbij in de voetsporen van Low. De plaat werd opgenomen in dezelfde kerk waar van die groep vorig jaar “Trust” boven de doopvont werd gehouden. En dat komt de songs volop ten goede. Ze krijgen een wat atmosferisch karakter mee door het functioneel omspringen met de omstandigheden.

“Save A Horse, Ride A Cowboy”, “Billy”, “Drinking Again” en vooral ook het dromerige “Am I Allowed” kunnen zo opvallen als ijzersterke composities – zoals trouwens over het algemeen de meerderheid van het hier aangeboden materiaal. Daarom durven we ook zonder omwegen te stellen, dat als de jonge Cowboy Junkies, het eerder al vernoemde Low of Bonnie Prince Billy jouw ding zijn, je hier beslist ook eens zou moeten van proeven!

www.haleybonar.com

 

 

DAN BERN AND THE IJBC “Fleeting Days”

(Messenger Records / Cooking Vinyl)

(4) J J J J

 

 

In tijden waarin gerespecteerde songwriters als een Elvis Costello of een Joe Henry zich alsmaar experimenteler blijven opstellen op hun plaatwerk zijn artiesten als Dan Bern een godsgeschenk. Bern verliest namelijk het uitgangspunt –Het liedje!- nooit uit het oog. Hij bewijst hier gewoon dertien tracks lang, dat geraffineerde teksten en aanstekelijke rootspopdeunen ook in het nieuwe millennium nog gewoon samen moeten kunnen. Enkele heel sterke voorbeelden daarvan zijn het bitterzoete afscheidsliedje “Baby Bye Bye”, de bespiegeling over “een leven in zonde” die “Eva” is, het speelse “Jane” –inclusief Sir Douglas Quintet orgeltje-, het enigszins sarcastische “Graceland”en het heel erg aan de vroege Costello reminiscente “Crow”. Maar we hadden er met het grootste gemak ook enkele andere kunnen noteren, want hier valt eigenlijk in de verste verte geen valse noot te bekennen!

Dan Bern heeft met “Fleeting Days” gewoon een plaat naar ons hart afgeleverd! En die zou best ook wel eens aan jou besteed kunnen zijn…

www.danbern.com

www.cookingvinyl.com

 

 

HAL KETCHUM “The King Of Love” (Curb)

(4) J J J J

 

 

Hal Ketchum is met “The King Of Love” alweer aan zijn achtste cd voor het Curb Records label toe. (Zijn negende in totaal!) En muzikaal gezien is het misschien wel zijn meest avontuurlijke poging tot op heden. Van bij de eerste tonen van “Everytime I Look In Your Eyes” (een gedroomde singlekandidaat) is duidelijk dat Ketchum in vorm verkeert. En “Run Loretta Run” bevestigt die vaststelling al snel. Het is wat ons betreft één van de aanstekelijkste deunen die de man ooit pende. “As Long As You Love Me” introduceert vervolgens het jonge broer-zus-schrijversduo Joshua en Shi-Anne Ragsdale en teert volop op de duetvocalen van de helaas nog altijd nobele onbekende Jonell Mosser – wat een talent! “The King Of Love” noemt Ketchum zelf een oefening in zelfbewustzijn, maar bovenal is het met zijn aan Bo Diddley verwante ritme een heerlijke single. Ketchum schudt de hoogstandjes hier schijnbaar achteloos verder uit de mouw. De man heeft in zijn privé-leven de rust weergevonden en dat weerspiegelt zich vanzelfsprekend ook volop in zijn muziek. Neem maar in “The Carpenter’s Way” bijvoorbeeld, met gastvocalen van Guy Clark, of in “The Skies Over Dublin” – deels hommage aan Ierland, deels liefdesliedje-, of in het samen met Tim O’Brien geschreven “Taking My Time”.

Door zijn gevarieerde karakter zal “The King Of Love” voor de meesten even wennen zijn. Maar als je het album een paar rondjes de tijd gunt, dan zal je al snel merken, dat je inspanningen méér dan de moeite waard blijken.

www.halketchum.com

www.curb.com

 

 

SHERRY AUSTIN “Drive-By Romance”

(Barking Topiary Records)

(4) J J J J

 

 

Vanuit Santa Cruz, California bereikte ons het cd-debuut van Sherry Austin. “Drive-By Romance” is het soort plaat dat je als liefhebber van singer-songwriters onmiddellijk in je hart sluit. Naast zeven originals bevat het album ook vier covers. En die maken het ons een stuk gemakkelijker om Austin te introduceren: “Love’s A Word I Never Throw Around” leende ze van Robert Earl Keen, “Broke Down” is haar live-uitvoering van die Slaid Cleaves classic, “455 Rocket” plukte ze van het repertoire van Gillian Welch en David Rawlings en “105” kende je al van Fred Eaglesmith. Voeg aan die namen nog die van Kate Wolf en Mary Chapin Carpenter toe en dan heb je een goed beeld van alles waarvoor Sherry Austin staat.

Liefhebbers van honingzoete vocalen en goudeerlijke americana weten daarmee al genoeg! Nummers van het kaliber van de midtempo opener “Learning”, het van fraai dobrowerk van Charlie Wallace voorziene “Baby Blue Bonneville” en het absolute prijsbeest hier, “Sapphire Sky” (Met Audrey Auld!) maken van “Drive-By Romance” een visitekaartje bedrukt met gouden letters!

www.sherry-austin.com

 

 

RICHARD GILPIN “Beautiful Mistake”

(Tree Records)

(4) J J J J

 

 

Alweer een prima debuutplaat vanuit eerder onverwachte hoek! Dader is dit keer de Noordier Richard Gilpin die met “Beautiful Mistake” alles behalve dat laatste aflevert. Zijn eersteling puilt uit van de catchy liedjes die je van bij de eerste draaibeurt niet meer los laten. Gilpin weet op een zeer vernuftige manier het beste uit genres als akoestische rock, country blues en traditionele Ierse muziek te versmelten. Dat resulteert in een zeer coherent geheel, dat in niets voor zijn Amerikaanse voorbeelden hoeft onder te doen. Wel integendeel! Nummers als “Tears In The End”, “Wildflower”, “You Coaxed The Devil Out Of Me” of het wulpse “Far Far Away” zijn alt. country om u tegen te zeggen!

www.richardgilpin.com

 

 

AUBREY HAYNIE “The Bluegrass Fiddle Album”

(Sugar Hill)

(4,5) J J J J J

 

 

Aubrey Haynie in heel grote doen! Met wat hulp van Sam Bush op de mandoline, Tony Rice op de gitaar, Barry Bales op de bas en David Talbot op de banjo levert hij met “The Bluegrass Fiddle Album” een klassieker in wording af! Eigen composities als het wervelende “Buckner’s Breakdown” en het al even aanstekelijke “Hamilton Special” worden afgewisseld met nummers van Kenny Baker (Met 6 composities héél erg prominent aanwezig!), Arthur Smith en een stuk of wat traditionals.

Daarbij gaan virtuositeit en spelvreugde voortdurend hand in hand. En net daardoor is hier sprake van een sprankelend, werkelijk onweerstaanbaar album. Ongevoelig blijven voor deunen als “Bill Cheatham”, “McHattie’s Waltz”, “Bluegrass In The Blackwoods” of het hoger al genoemde tweetal lijkt ons volkomen uitgesloten!

Dit is bluegrass van de allerbovenste plank, zeg maar dat wij het gezegd hebben!

http://www.sugarhillrecords.com/catalog/pagemaker.cgi?3957

 

 

VARIOUS ARTISTS “No Song No Supper”

(Sugar Hill)

(4) J J J J

 

 

“No Song No Supper” biedt een zeer geslaagde dwarsdoorsnede van het singer-songwriter aanbod van het gereputeerde Sugar Hill label. We worden getrakteerd op 14 fraaie verhalende songs van respectievelijk Scott Miller, Townes Van Zandt, de Gourds, Guy Clark, Jimmy Murphy, Walter Hyatt, Terry Allen, Darrell Scott, Jesse Winchester, Robert Earl Keen, Rodney Crowell, James McMurtry, Peter Rowan en Tim O’Brien. Als kennismaking met eventuele nieuwe namen zijn dergelijke collecties ideaal natuurlijk. Maar ook als geheel is “No Song No Supper” bijzonder genietbaar. Enkele favorietjes: “Waitin’ Around To Die” uit de rijkgevulde catalogus van wijlen Townes Van Zandt, “Let Him Roll” van de grote Guy Clark, “I Get A Longing To Hear” van Jimmy Murphy en Terry Allens pareltje “Cortez Sail”.

Voor herhaling vatbaar!!!

http://www.sugarhillrecords.com/catalog/pagemaker.cgi?1072

 

 

ANDY GORWELL “Uprooted” (Cavalier)

(5) J J J J J

 

 

Australiër Andy Gorwell heeft met “Uprooted”, zijn tweede cd na “Wrong Side Of Town” uit ’99, een heerlijke alt. countryplaat uit de mouw geschud! Nummers als “Diesel”, “Diamonds”, “Old Trains” en “Old Friend The Blues” zullen liefhebbers van Wilco, Son Volt, de vroege Stones en Ryan Adams gegarandeerd omverblazen! Als één van deze acts je ook maar iets zegt, dan zou je deze cd moeten kopen. Briljant gewoon!

www.geocities.com/andygorwell

http://www.cdbaby.com/cd/gorwell

 

 

JACK INGRAM “Electric: Extra Volts” (Lucky Dog / Sony)

(4,5) J J J J J

  

 

Jack Ingram met alweer vijf goede redenen om hem voor eens en voor altijd in je hart te sluiten. Onder het motto “Extra Volts” krijgen we hier vijf tracks geserveerd afkomstig van de “Electric” sessies, die het album zelf uiteindelijk niet wisten te halen. Al is niet meteen duidelijk waarom – aan de kwaliteit ervan zal het zeker niet gelegen hebben…

Opener “A Little Bit” is gitaaraangedreven rootsrock van de bovenste plank. En “Red, White & Blues” heeft naast een spitsvondige titel een ingenieus in een bed van elektrische gitaren gedrenkt honky tonk motiefje als extraatje.

“She Don’t Love You” dan weer is muzikaal verwant aan het recentere werk van de Hardcore Troubadour – en dat bedoelen we als een serieus compliment! En ook “Run To Me” zou de fans van Steve Earle wel eens kunnen bekoren – een spaarzaam begeleide, hartverscheurend mooie ballad, die ons spontaan kippenvel bezorgde. Voor “Nothing To Gain” ten slotte gaat het volume weer fors de hoogte in. “Extra Volts” inderdaad…

www.jackingram.net

 

 

JIM REILLEY “The Return Of Buddy Cruel”

(Silent Planet Records)

(5) J J J J J

 

 

In een vorig leven maakte Jim Reilley samen met Reese Campbell, John Lombardo en Jerry Augustyniak (van 10.000 Maniacs) net lang genoeg deel uit van de New Dylans om onder een gigantische golf van lofbetuigingen te worden bedolven. Van Natalie Merchant tot R.E.M.’s Michael Stipe en terug, iedereen was weg van de groep. Geconfronteerd met dit instant succes sloeg de verwarring echter toe bij Reilley en Campbell. Het resultaat, een aan-en-uit-spelletje met de platenindustrie, heeft hen wellicht de grote commerciële doorbraak gekost.

Maar nu staat Jim Reilley er dus terug met zijn eerste soloalbum, “The Return Of Buddy Cruel”. Opgenomen met de productionele hulp van Don Henry en met tal van prominente gasten in de buurt, ondermeer Tim O’Brien, Hal Ketchum, Ron en Rob McCoury, David Rawlings, Dan Dugmore, Daniel Tashian en Dave Pomeroy. En wij zijn heel erg gecharmeerd door de plaat!

Reilley’s stem situeert zich ergens in het driehoekje Dylan – Costello – Forbert en zijn muziek overtreft wat ons betreft moeiteloos het recentere werk van elk van deze drie. (Zegt een grote Costello-fan, die Dylans laatste erg kon appreciëren!)

Dit is Rootspop met een hoofdletter R! Een red letter cd zeg maar, een certitude voor ons eindejaarslijstje van 2003!

www.jimreilley.com

www.silentplanetrecords.com

 

 

WARREN ZANES “Memory Girls” (Dualtone)

(5) J J J J J

 

 

Samen met zijn broer Dan vormde Warren Zanes tijdens de jaren tachtig de spil van de Del Fuegos, die met “Boston, Mass.” –Wij krijgen het nog altijd warm bij het daarvan afkomstige nummer “I Still Want You”!- wat ons betreft één van de knapste rootspoplaten ooit op vinyl deden belanden. Na drie platen hield de jonge Zanes het echter voor bekeken en trok zich terug uit de muziekwereld. Zijn toekomst zocht en vond hij in academische middens. Zijn c.v. volstaat ondertussen volop om zijn geestelijk meer gemiddeld bedeelde medemens groen van jaloezie te doen uitslaan…

Maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan… En zoals zoveel anderen voor hem zou ook Zanes niet ontsnappen aan de wetmatigheid die zegt dat er voor wie eenmaal gebeten werd door de muziekmicrobe geen genezing meer mogelijk is.

En dus is er nu “Memory Girls”, het opmerkelijke debuut van Zanes, een plaat die werkelijk tot de nok toe gevuld is met nagenoeg perfecte rootsy popdeunen. Je hoort er echo’s in van de Kinks, Tom Petty, de Beatles, World Party en nog een stuk of wat anderen, maar het eindresultaat draagt toch onmiskenbaar de stempel van Zanes zelf. De man noemt de plaat een eigen persoonlijk opslagmedium voor alle ex-vriendinnen die zijn hoofd nog bevolkten, toen hij besloot zich te verloven. Een interessant conceptidee met nog véél interessantere gevolgen!

Doe jezelf een plezier en gun nummers als “Everybody Loves You”, “First On The Moon”, “Where We Began”, “If You Could Stay” en “Hey Girl” een beluistering. Dan kan je zelf vaststellen, waarom klasbakken als Emmylou Harris, Patty Griffin, Jerry Dale McFadden en Billy Conway (Morphine) zich voor de kar van Zanes lieten spannen.

Dit is pop-perfectie! Niks meer, niks minder…

www.warrenzanes.com

www.dualtone.com

 

 

CORB LUND BAND “Five Dollar Bill”

(Stony Plain)

(5) J J J J J

 

 

Het is al langer een publiek geheim, dat je voor de betere country niet meer naar Nashville hoeft af te zakken. Maar men zal er je zelden bij vertellen, dat je ‘m bijvoorbeeld wel in Alberta, Canada vindt. En toch is dat zo!

Met name op “Five Dollar Bill”, de werkelijk uitmuntende derde cd van de Corb Lund Band. In een productie van Harry Stinson (Dead Reckoners, Steve Earle, Lyle Lovett, Earl Scruggs) worden hier twaalf songs lang werkelijk alle country & western registers nog eens opengetrokken. En dat is des te opmerkelijker als je weet dat Lund alle songs zelf schreef ook.

Combineer het beste van Johnny Cash, Marty Robbins, Willie Nelson, Ian Tyson en Waylon Jennings en je zou bij deze Lund moeten uitkomen. Authentieker als “Five Dollar Bill”, “Short Native Grasses (Prairies Of Alberta)” en “Time To Switch To Whiskey” hebben we ze in tijden niet meer gehoord. Grote klasse!

Als je dit jaar slechts één countryplaat koopt, laat het dan deze zijn!

www.corblundband.com

www.stonyplainrecords.com

 

 

JOHN BORRA BAND “One Night At Seven In The Morning”

(Linkhorn Records)

(3,5) J J J J

 

 

Een zoveelste aangename verrassing die ons vanuit Canada bereikt is de jongste cd van de John Borra Band, een album luisterend naar de fraaie titel “One Night At Seven In The Morning”. Borra’s benadering van (alt.) country is bijzonder eigenzinnig van aard en krijgt net daardoor iets aparts over zich, iets fris ook wel. Voortdurend herinnert de vrij klassieke vormgeving je aan een rijke countrytraditie, maar tegelijk leeft deze plaat toch ook onmiskenbaar in het heden. En da’s knap, want net daar wil ‘m het schoentje nogal eens wringen op alt. countryplaten - in het vinden van het juiste evenwicht tussen het gekoesterde verleden en de leefwereld van nu.

Borra en de zijnen fietsen op deze cd vaardig heen en weer tussen genres als country, folk en rock. Daardoor krijgt het geheel het karakter van een smeltkroes en kan je het eigenlijk niet zo makkelijk meer in één welbepaald vakje onderbrengen! Al is het nog wel zo, dat de plaat nog overwegend een (alt.) countrygevoel uitademt dankzij deunen als het springerige “Once Again”, het melancholische “Angola”, het aan Buddy Holly en Bo Diddley schatplichtige countryrockertje “New Found Land” of de klassieke sleper “The Lights”.

www.linkhorn.com

 

 

RIPTONES “Slant 6” (Sparkletone Records)

(3,5) J J J J

 

 

Als een donderslag bij heldere hemel kwam de nieuwe van The Riptones tot ons. “Slant 6”, hun zesde kans ondertussen inderdaad, is een volledig instrumentale plaat geworden. En da’s aanvankelijk wel even wennen, maar het gebodene werkt zo aanstekelijk, dat je al snel wel door de knieën moet. Van de countrygetinte opener “Go Be Do” over het op een lekkere baslijn voorthuppelende titelnummer of het soulvolle “Nugget” tot het wild rockende sluitstuk “El Camino”, het gaat er echt allemaal in als zoete koek!

De Riptones brengen hier een bijzonder aanstekelijke smeltkroes, waarin traditionele gitaardeunen, surf instrumentals, soul en alt. country verre familie van elkaar blijken.

 

www.theriptones.com

 

 

MARK VIATOR “Bayou Têche” (Belle Isle Records)

(4,5) J J J J J

 

 

Mensen die hun platencollectie regelmatig uitbreiden kennen het fenomeen: sommige albums belanden na enkele draaibeurten keurig op een vaste stek in het cd-rek tussen tal van lotgenoten, andere daarentegen blijven ook weken later nog graag geziene gasten in de buurt van de cd-speler. Een detail, zeg je? Maar wél een veelzeggend detail dan!

Mark Viator heeft met “Bayou Têche” zo’n blijvertje afgeleverd. Op z’n eersteling presenteert de gerespecteerde slide gitarist / songwriter uit Austin ons een heerlijk elf-gangen-menu. Een plaat die qua sfeer regelmatig het vroegwerk van collega slide-virtuoos Sonny Landreth in herinnering roept. Viator serveert een melange van swampy soul, folk en akoestische blues, gekruid met elementen uit tal van aanverwante genres. De productie van het album was in handen van Jane Gillman (Remember Gillman Deaville?).

Enkele stand-outs wou je horen? Welaan dan…

“Along The Bayou Têche”, een nostalgisch stukje over Louisiana met Marcia Ball in een gastrol op accordeon, “Migrant Moon” met zijn heerlijke gypsy feel, “Cajun Bal”, een lekkere two-step waaraan Slaid Cleaves zijn medewerking verleende, en “The One Who understands”, een love song met een heel groot hart, vonden wij nog net iets mooier dan de rest. Maar laat dat er je vooral niet van weerhouden om zelf op zoek te gaan naar andere favorieten, want dit solodebuut van Mark Viator is een aanrader van jewelste!

www.markviator.com

http://cdbaby.com/cd/viator

 

 

L+J “Holding The Lights On” (Shiny House Music)

(4) J J J J

 

 

“Holding The Lights On” is het ronduit indrukwekkende cd-debuut van L+J, ook wel Elizabeth en Justin Kennedy. Dit vanuit Chicago opererende akoestische duo pakt op z’n eersteling uit met een bezwerende melange van roots en folk. Bij herhaling moesten wij bij onze eerste beluistering van dit kleinood denken aan wat Gillian Welch en haar partner in crime David Rawlings regelmatig uit de mouw schudden. Vooral met betrekking tot de opgeroepen sfeer dan. Muzikaal gezien is wat L+J hier te bieden hebben immers vrij uniek. De schaarse begeleiding, bestaande uit een staande bas en diverse gitaren, maakt dat je voortdurend aandachtig bij de les wordt gehouden: een wat sombere, maar constant intrigerende les is dat, die we fans van artiesten en groepen als de Cowboy Junkies, de Handsome Family, Gillian Welch, Mazzy Star en Over The Rhine van harte durven aan te bevelen!

www.landjmusic.com

http://www.cdbaby.com/cd/landj

 

 

MISSY ROBACK “Just Like Breathing”

(Hear Kitty Records)

(4,5) J J J J J

 

 

De naam Steven Roback doet bij de al wat oudere jongeren onder jullie allicht nog een belletje rinkelen. Roback was immers jarenlang de bezielende kracht achter de onvolprezen Rain Parade, een groep die vooral tijdens de jaren tachtig met bezwerende psychedelisch getinte gitaarmelodieën wist te bekoren. Long time no see, denk je dan!

Nu duikt zijn naam plots weer op als producer van de eersteling van Missy Roback. En ook nu weer is psychedelica het sleutelwoord. Betoverende songs gezongen door een vocale Aimee Mann lookalike. De gelijkenis is werkelijk frappant, doch werkt

nooit storend. Daarvoor zijn de aangeboden nummers gewoon te goed. Wij waren vooral onder de indruk van het tweetal “Compass” en “Sleep With The Mermaid”. Een aanrader dus, zeg maar, zeker voor fans van de Cowboy Junkies, Mazzy Star, Hope Sandoval en de al eerder vermelde Aimee Mann.

http://missyroback.com/

 

 

ACOUSTIC SYNDICATE “Terra Firma”

(Sugar Hill)

(3,5) J J J J

 

 

Volstrekt uniek. Da’s na al die jaren nog altijd de enige toepasselijke omschrijving die wij kunnen verzinnen bij de muziek van Acoustic Syndicate. Het viertal rond zanger-gitarist Steve McMurry wordt regelmatig als bluegrass afgedaan, maar eigenlijk zijn er op “Terra Firma” nog maar bitter weinig elementen aanwezig om die stelling bij te treden. Toegegeven, Byron McMurry’s werk op z’n five-string banjo geeft de band nog een zetje in die richting. Maar anderzijds is er ook het gebruik van in het bluegrassgenre niet direct courant te noemen instrumenten als de sax. Een soort patstelling dus… Ons doet het allemaal enigszins denken aan wat ook een groep als Ezio live klaarmaakt: sterk akoestisch georiënteerde rootsmuziek, waarin de virtuositeit van de instrumentalisten rijkelijk aan bod mag komen. Op z’n best vinden wij Acoustic Syndicate hier in het epische “The Ballad Of Marie St. Lauriette”, waarin het hoofdpersonage aan de grillige wetten van Moeder Natuur gehoorzaamt. Sterke songs trouwens over het algemeen hier! Zowel Steve McMurry als z’n neef Bryon weten ons met deze twaalf originals eens te meer van hun schrijverskwaliteiten te overtuigen.

www.acousticsyndicate.com

http://www.sugarhillrecords.com/catalog/pagemaker.cgi?3963

 

 

THE BELLYACHERS “Heavy In My Hands”

(Gut Records)

(4,5) J J J J J

 

 

“Bottoms Up!” was naar onze bescheiden mening al een geweldige countryplaat. Volop bezaaid met dat twanggevoel van toen en toch een heel erg actueel geluid – meer moest dat niet zijn!

Maar nu is er dus de opvolger “Heavy In My Hands” en die blijkt nou net wél dat tikkeltje meer voor ons in petto te hebben! Het gaat er dit keer allemaal nog een klein beetje pittiger aan toe dankzij de voorbeeldige gitaarinbreng van Brian Mello. Wat een uitzonderlijk talent is die man toch!

En over talent gesproken – met drie volwaardige songschrijvers aan boord zitten de Bellyachers ook wat dat betreft safe. Zowel Brian en Sandra Mello, als Melody Baldwin-Baroz bewijzen in de loop van “Heavy In My Hands” puntgave songs in de pen te hebben. De enige uitzondering op die regel vormt het van Van Halen bekende “Jamie’s Cryin’” dat de Bellyachers geniaal laten openbloeien tot een wolk van een country song.

Heel erg goed vonden wij ook de licht melancholisch aanvoelende opener “Whiskey Talking”, het twangbeladen “You Can Blame Me” en het absolute prijsbeest van de plaat “Very Married”, een lap klassieke country, opgetrokken rond de bekentenis:

“I know that we could work

things out,

but I’m not feeling very

married anymore.”

The Bellyachers zijn wat ons betreft één van de best bewaarde alt. countrygeheimen van het ogenblik!

www.bellyachers.com

 

 

THE BROOKLYN COWBOYS “Dodging Bullets”

(Leaps Recordings)

(4,5) J J J J J

 

 

Voor platen van dit kaliber heeft men ooit de term TWANG uitgevonden! Van de dampende countryrock tot de weergaloze ballads ademt alles hier een onmiskenbaar alt. countrygevoel uit. The Brooklyn Cowboys zijn dan ook niet zomaar de eersten de besten! Met Walter Egan (Spirit), Buddy Cage (New Riders Of The Purple Sage), Jeff “Stick” Davis (Amazing Rhythm Aces), Brian Waldschlager (Shinola) en Michael Webb (Stacey Earle, Allison Moorer) in de rangen is hier zelfs sprake van een heuse americana supergroep.

“Dodging Bullets” is hun tweede volwaardige cd en laat in tegenstelling tot hun eersteling “Doin’ Time On Planet Earth” een hele hachte, goed op elkaar ingespeelde groep horen. Waar de eerste cd het vooral nog van een aantal prima momenten moest hebben, is er nu echt sprake van een kanjer van een album. Hoogtepunten zat hier!

In opener “I Was Wrong” rocken de heren de pannen van het dak. Dit nummer heeft echt alles om een klassieker in z’n genre te worden. Titelnummer “Dodging Bullets” dan weer is een dot van een ballad met heerlijke duetzang van Lona Heins, terwijl de nieuwe single “Hey Juanica” mede dankzij het karakteristieke akoestische gitaarwerk van virtuoos Van Manakas een ontegensprekelijk zuiders karakter meekrijgt. Ook Joy Lynn White is weer van de partij. En da’s voldoende om ons toch nog net dat ietsje meer bij de les te krijgen… “The City Is Different (Without You In It)” en “Someone You Can Live With” behoren dan ook tot onze absolute lievelingsnummers op deze ronduit uitstekende cd.

www.brooklyncowboys.com

 

 

EVE SELIS “Do You Know Me”

(HCT Records)

(4) J J J J

 

 

Onvoorstelbaar eigenlijk! Je kan je radiotoestel niet meer aanzetten of je wordt prompt met commerciële rotzooi en absolute non-talenten neergesabeld. En dan hoor je zo’n stem! Blijkt toch wel, dat de rasartieste die over zo’n fenomenaal stel longen beschikt via independents haar platen moet trachten te slijten zeker! Je houdt het gewoon niet meer voor mogelijk…

Vanaf de heftig rockende opener “Tear This Old House Down” etaleert Eve Selis eens te meer welk een adembenemend vocaal bereik ze wel heeft. Ze blaast je letterlijk omver! Maar ook als het er wat rustiger aan toe gaat, zoals in het catchy rootspoppareltje “Russellville” of in het wat dromerig aanzettende titelnummer “Do You Know Me” boet haar stem niets aan zeggingskracht in.

En het blijft maar doorgaan! “In My dreams” mag zo langs het beste van Chris Isaak postvatten en “Ain’t Got Nothing” versmelt op ingenieuze wijze country, cajun en roadhouse rock – een gedroomde radiohit gewoon, ook naar Europese normen… En als men in Nashville oren aan het hoofd heeft, dan kan men gewoonweg niet aan nummers als “My Whisper” of “Catch The Wind” voorbij. Dit is country soul pur sang!

Als een supertalent als Eve Selis vooralsnog geen sterrenstatus zou kunnen afdwingen, dan is er iets fundamenteel mis met de muziekindustrie in de States. Selis heeft het immers allemaal: een dijk van een stem, uitstekende songs, de looks én tonnen charisma.

www.eveselis.com

http://www.cdbaby.com/cd/eveselis2

 

 

REDBACK “Love & Confusion”

(In eigen beheer uitgebracht!)

(3,5) J J J J

 

 

Rootsrock made in Holland. En van een heel degelijk kaliber ook. Vanuit Arnhem timmert het viertal RedBack, bestaande uit de heren Tse Yoh (vocals, rhythm guitar), Harry Eberhard (lead guitar, vocals), Frank Verstegen (upright bass) en Rasyif Kremer (drums, vocals) aan de weg. Hun muziek overspant zowat het hele gebied tussen rootsy rock & roll en dito pop. En bij momenten met heel erg fraaie resultaten ook. Met name het een weinig aan de Sailor-hit “Girls Girls Girls” schatplichtige “Goodbye Mama”, het akoestische rustpuntje “On The Road” en het lekker gedreven voortjakkerende rootsrockertje “I Call Anna” (met puik gitaarwerk van Eberhard) geven aan, dat deze groep heel wat in haar mars heeft. Vooral live lijkt ons dit niet te versmaden – deze muziek kan best wat biergeur en zweetlucht verdragen…

www.redback.tk

 

 

CROSS CANADIAN RAGWEED “Cross Canadian Ragweed”

(Universal South)

(4) J J J J

 

 

Cody Canada en de zijnen gelden als één van de beste live acts die je in Texas en verre omstreken aan het werk kan zien. Hun benadering van wat muzikaal gezien in Texas leeft voor het ogenblik is net dat tikkeltje steviger, heeft net dat ietsje meer power dan wat de concurrentie te bieden heeft. En dan val je op natuurlijk! Nummers als “Anywhere But Here” (over het gebrek aan respect dat hun Okie collega’s van The Great Divide namens de muziekindustrie te beurt viel), “17” (een samen met Jason Boland gepend nummer rond het gegeven “You’re always seventeen in your home town”) en “Brooklyn Kid” (over een bevriende Vietnamveteraan) zijn werkelijk onweerstaanbaar!

Hoe Canada zijn eigen leefwereld in dotten van songs weet te vangen getuigt van een uitzonderlijk talent. Zijn nummers bruisen werkelijk van de vitaliteit en de strijdvaardigheid. En het zou dan ook dood- en doodjammer zijn mocht hij niet ook hier een flinke schare fans aan zich weten te binden.

www.crosscanadianragweed.com

www.universal-south.com

 

 

VAUGHAN PENN “Transcendence”

(Meepers Music Records)

(4) J J J J

 

 

De muziek van Vaughan Penn kan je het best omschrijven door er de namen van enkele bekendere collega’s bij te sleuren. Een Sheryl Crow bijvoorbeeld, of een Shawn Colvin, een Aimee Mann ook wel… Op die manier bekom je een vrij duidelijk beeld van de muzikale avonturen van deze aantrekkelijk ogende Amerikaanse. Al dienen we daar wel onmiddellijk aan toe te voegen, dat de nummers van Vaughan Penn door de band genomen een veel toegankelijker karakter hebben dan deze van de hierboven genoemde dames – perfect op maat geknipt voor radiogebruik zeg maar. Nummers als de pittige opener “No I Don’t”, het speelsere “If You Could See”, het ingetogen pareltje “I Miss You” of het aan de wereldhit “Torn” refererende “I Can’t Help Myself” en nog een hele trits anderen zouden werkelijk in omzeggens elk format passen. Het lijkt dan ook enkel nog een kwestie van tijd – Vaughan Penn wordt een superster!

www.vaughanpenn.com

http://www.cdbaby.com/cd/penn2

 

 

JIMMY STURR “Top Of The World”

(Rounder Select / CRS)

(3,5) J J J J

 

 

Nooit gedacht dat we ons ooit zouden laten verleiden tot het recenseren van een polkaplaat! Maar de aanwezigheid van goudhaantje Rhonda Vincent op de laatste van de ongekroonde koning van het polkagenre Jimmy Sturr, “Top Of The World”, maakte ons nieuwsgierig. En eerlijk gezegd, we hebben er nog geen seconde spijt van gehad! Het album bevat namelijk tal van superaanstekelijke deunen die garant staan voor een bijzonder opgewekte mood.

Opener “Top Of The World” bijvoorbeeld (bekend van o.a. de Carpenters), met gastvocalen van Rhonda Vincent, werkt als polka uitstekend. En ook de face lift die “City Of New Orleans” met vocale bijstand van Arlo Guthrie onderging mikt meteen naar de benen. Guthrie duikt trouwens verderop nog eens op in de al even zwierige polka update van de Woody Guthrie-klassieker “This Land Is Your Land”. En ook Rhonda Vincent komt een tweede keer voorbij, met name voor het walsje “Rocking Alone In An Old Rocking Chair”.

Heel genietbaar vonden wij verder ook het instrumentale “Streamline”, de polkaversie van “Guacamole” (met Johnny Karas), “No Fun Being Old” (met diezelfde Karas zelfs in het Pools aan de slag) en “Devil Went Down To Georgia” (van de Charlie Daniels Band en hier met Frank Urbanovitch).

Alle vooroordelen even aan de kant dus! Als je de polka-kant van Rowwen Hèze stiekem altijd het leukst vond aan die band, dan is dit beslist ook de moeite van het proberen even waard!

www.jimmysturr.com

www.rounder.com

 

 

BILL DEASY “Good Day No Rain”

(Bound To Be Records)

(4) J J J J

 

 

In de liner notes bij zijn cd “Good Day No Rain” bedankt Bill Deasy Bruce Springsteen, Jackson Browne en Van Morrison voor wat hij noemt “a lifetime’s worth of inspiration”. En de man heeft klaarblijkelijk heel goed geluisterd, want zijn eigen songs zijn niet enkel heel erg melodieus, ook tekstueel zit alles hier bijzonder goed in elkaar.

Opener “I Want To Know” is zo een erg fraai liefdesliedje, dat wellustig rondwoelt in een bed van rinkelende gitaartjes. En ook “Blue Sky Grey” en “In My Head” nestelen zich vrijwel meteen permanent in je hoofd. De commerciële potentie druipt hier gewoonweg van af!

En wat te denken van verdere klasbakken als het zinderende “I’ll Rescue You”, het zomerse tweetal “Somewhere In Me” en “Who We Are”, het rustpuntje “I’ll Be Here” en het heerlijke sluitstuk van deze plaat “The Gift Of Seeing Through”?

Deze man heeft gewoon alles om het heel ver te schoppen. Op het juiste moment op de juiste plaats zijn, daar zal alles nu wel van af gaan hangen zeker?

www.billdeasy.com

http://www.cdbaby.com/cd/deasy2

 

 

RICHARD FERREIRA “Somewhereville”

(Miranda Records)

(4) J J J J

 

 

“Can a white man sing the blues?”, is een vraag die we in het verleden wel eens vaker hoorden stellen. Maar hoe zit het nu met die andere typisch zwarte muziekstijl? Met soul met name? Echt véél voorbeelden van blanke soulbeesten schieten ons niet zo direct te binnen! Er is natuurlijk de celtic soul van Van “The Man” Morrison, er was de volstrekt unieke witte soul man Eddie Hinton, of Graham Parker ook wel bij momenten - maar erg lang zal deze lijst niet worden, zoveel is nu al duidelijk!

Met veel plezier begroeten we dan ook Richard Ferreira, want die heeft soul – en nog geen klein beetje ook…

Negen nummers lang pakt hij je moeiteloos in met zijn wat aparte stemgeluid. Negen nummers die hij bovendien ook allemaal zelf schreef – in z’n eentje of met wat hulp van buitenaf van klasbakken als Greg Trooper, Angelo, Gwil Owen en Richard Dobson.

“Somewhereville” puilt uit van de pakkende liedjes, maar wij onthouden toch vooral de samen met Greg Trooper gepende sleper “Invisible Man”, de road song “Somewhereville”, de withete soulgloed van “Moon Over Memphis” en typisch singer-songwritermateriaal als “I Can’t Give Myself Away”, “House Of Rain” en afsluiter “Guilford Mill”.

Richard Ferreira heeft met “Somewhereville” een plaat afgeleverd die nu al volop doet uitkijken naar meer.

www.richardferreira.com

http://www.cdbaby.com/cd/richardf

 

 

JAYHAWKS “Rainy Day Music”

(Lost Highway Records)

(4) J J J J

 

 

Over misplaatste titels gesproken! Dit is een schoolvoorbeeldje! De Jayhawks, die zopas onderdak vonden bij Lucinda Williams’ Lost Highway Records, grossieren hier namelijk in bijzonder aangenaam wegluisterende deunen. Niks regenachtig sfeertje dus…

Regelmatig komen de Hawks weer in de buurt van het niveau van hun grote dagen van weleer. Openingstrack “Stumbling Through The Dark” is meteen een mooi voorbeeld bij die stelling – je waant je zo bij de Byrds op de koffie. Heel melodieus, met een lekker breed uitwaaierend refrein, steelt vervolgens ook “Tailspin” de show. En als bij “All The Right Reasons” de voet even van het gaspedaal gaat, ga je je meteen ook weer realiseren, dat de rustigere nummers altijd al de sterkste kant van de heren waren. Al moeten we daar meteen aan toevoegen, dat zowel de terechte single “Save It For A Rainy Day” (de Beatles go americana), als zijn gedoodverfde (en gedroomde) opvolger “Angeline” ook heerlijke lappen vintage countryrock zijn.

Het afsluitende viertal “Madman”, “You Look So Young”, “Tampa To Tulsa” en “Will I see You In Heaven” – het ene nummer al ingetogener en schaarser begeleid dan het andere – bevestigt wat we van bij de eerste noten van deze plaat al vermoedden:

de Jayhawks zijn weer helemaal terug!

 

(Het album verschijnt op 8 april en een gelimiteerde eerste oplage zal een 6 songs tellende bonus cd bevatten!)

http://www.losthighwayrecords.com/

 

 

RAY WYLIE HUBBARD “Growl”

(Philo / Rounder / Munich)

(4,5) J J J J J

 

 

The loco gringo is back in town! En dat zullen we geweten hebben ook! Ray Wylie Hubbard verrast vriend en vijand met een ijzersterke nieuwe cd. Niet zijn meest toegankelijke, dat absoluut zeker niet, maar wel één van zijn meest geïnspireerde tot op heden. Terug naar af luidt het motto. Naakte, van alle overbodige franje ontdane, rammelende en schuddende blues grooves en vlijmscherpe teksten zijn aan de orde van de dag. “Let’s put some growl on it,” moet producer Gurf Morlix (ook de man achter Lucinda Williams en Mary Gauthier) zich tijdens het opnameproces hebben laten ontvallen. “Growl” is slang voor integriteit en soul. Onbewust liet de man zo echter ook de traditionele fles champagne aan diggelen knallen tegen de boeg van dit album – de naam was inderdaad een feit.

Over de songs dan. “The Knives Of Spain” is met z’n loodzware delta blues mood direct één van de gevaarlijkst ogende deunen op de cd:

“I’d rhyme my trials and my misdeeds

So if you cut the words they would bleed”,

geef toe, dat het als credo kan tellen zo bij het begin van een album – hier wacht ons geen gezondheidswandeling zoveel is duidelijk! Gedegen gitaarwerk van Buddy Miller trouwens in dit nummer. “No Lies” heeft diezelfde ravenzwarte blues, somber, maar o zo verslavend van aard. “Name Droppin’” doet vervolgens z’n titel alle eer aan. Muzikale en tekstuele cameo’s zijn er hier zo voor Jon Dee Graham, Darcie Deaville, Scrappy Jud Newcomb en Mary Gauthier. Maar leest u vooral de boodschap tussen de regels ook even:

“Let it train let it pour

I ain’t gonna study war no more

If you got a mind to you can sing

If you got a body baby shake that thing”,

snauwt Hubbard ons hier toe – het ogenblik kon niet beter gekozen zijn!

“Purgatory Road” lijkt dan nog eens te willen onderstrepen waar het hier eigenlijk allemaal om draait. Staal op en over de snaren en ondertussen rekenend op loutering, op met zichzelf in het reine komen, ver weg van alle gevestigde waarden, vooral dan die van het geloof. Géén zachtzinnige behandeling überhaupt hier voor de religie in haar geheel trouwens. Ook in het van ingehouden spanning zinderende “Preacher” laat Hubbard het hoofdpersonage met de staart tussen de benen afdruipen:

“Preacher come by today

Preacher come by today

He talked a lot but didn’t have much to say.”

Kan het nog veel duidelijker?

Ten slotte is er “Screw You, We’re From Texas” – goed op weg om een nieuw anthem voor Texaanse muziekafficionados te worden. Hubbard verheerlijkt hierin alles wat Texas muzikaal groot heeft gemaakt. Te pakken of te laten! Niet goed? Ophoepelen dan maar! Ondanks z’n dreigende gitaarwerk en de bot er op in hakkende zang is dit één van de meest toegankelijke brokken op deze werkelijk uitmuntende bluesplaat. Groots!

www.raywylie.com

 

 

LUCINDA WILLIAMS “World Without Tears”

(Lost Highway Records)

(4) J J J J

 

 

Met hangende pootjes op zitten wachten op deze… En van bij de heel erg soulvolle opener “Fruits Of My Labour” dan ook meteen weer hopeloos verkocht ook. Is hier sprake van enige vooringenomenheid? Wellicht wel – but who cares? Als het goed is, dan is het toch wel gewoon goed, zeker?

Over het wat stevigere “Righteously” en de beauty van een ballad “Ventura” belanden we bij “Bleeding Fingers”. Lucinda rockt er hierin op los als de Stones in hun beste dagen. Dit is rootsrock de luxe – lekker greasy en o zo catchy! “Over Time” is dan weer een klassiek countrydeuntje, gedragen door wel heel apart gitaarwerk. En “Those Three Days” staat voor de Lucinda waar we sinds haar jongste twee cd’s zijn van gaan houden. Wat betreft “Atonement” kunnen we kort zijn – niet ons kopje koffie, het nummer verzuipt letterlijk in een al te zware muzikale aankleding.

In “Sweet Side” lijkt Williams zich vervolgens ook daadwerkelijk van die kant te willen tonen – bijna al rappend komt dan echter de aap uit de mouw: “You don’t always show your sweet side…” Schijn bedriegt…

Met “Minneapolis”, “People Talkin’”, “American Dream” en vooral ook het soulgetinte “World Without Tears” weet La Williams ons probleemloos nog vier keer om haar vinger te winden.

Als geheel misschien net iets minder dan zijn twee voorgangers, maar toch… Als Lucinda Williams aan haar huidige tempo platen van dit kaliber blijft afleveren, dan mag ze wat ons betreft nog héél oud worden!

www.lucindawilliams.com

www.losthighwayrecords.com

 

 

TOWNES VAN ZANDT “In The Beginning…”

(Compadre Records)

(4) J J J J

 

 

Hier wordt een stukje muziekgeschiedenis geschreven! Met “In The Beginning…” is er immers een einde gekomen aan de al een eeuwigheid voortdurende zoektocht naar de allereerste opnamen van singer-songwritericoon Townes Van Zandt. Demo’s al daterend van 1966 -van vlak na zijn aankomst in Nashville dus- nu eerder toevallig ergens in één of ander stoffig archief teruggevonden door Jack Clement en door Compadre Records ook voor u en ons beschikbaar gemaakt.

Het betreft zowel solo ingespeeld materiaal, als opnames met een band – 10 in totaal, voor het merendeel nooit ergens in een andere versie aangetroffen. Een echt snoepje dus! Want hoewel het hier om demo’s gaat, klinkt dit geheel als een volwaardig Van Zandt album. Kippenvel dus regelmatig! Wat ons betreft vooral bij akoestische nummers als “Maryetta’s Song”, “Gypsy Friday”, “Waitin’ For The Day”, “When Your Dream Lovers Die”, “Colorado Bound”, “Big Country Blues” en “Black Crow Blues”, die zo tussen ’s mans beste materiaal kunnen gaan postvatten.

Verplichte kost!

www.townesvanzandt.com

www.compadrerecords.com

 

 

BILLY JOE SHAVER “Freedom’s Child”

(Compadre Records)

(4,5) J J J J J

 

 

Wat mag je verwachten van iemand die in amper twee jaar tijd zijn hele leefwereld als een kaartenhuisje in elkaar heeft zien stuiken? Van iemand die in zo’n korte tijdsspanne zowel z’n moeder, z’n vrouw, als z’n zoon het tijdelijke voor het eeuwige zag verruilen? Mag je van zo iemand meer verwachten dan een hoopje menselijke ellende? Helemaal zitten wegkwijnen ergens in een hoekje is de meest voor de hand liggende optie. Men zou je er niet eens scheef voor bekijken…

Maar het kan natuurlijk ook anders. Heel wat artiesten vinden in moeilijke tijden een troost in hun eeuwige tweede liefde, de muziek. Vaak wordt op die wrede ogenblikken gekozen voor de louterende werking die van het schrijven kan uitgaan. En minstens even vaak heeft dat grootse gevolgen.

Zo ook in het geval van Billy Joe Shaver! Wat ons betreft heeft de man met “Freedom’s Child” één van zijn beste albums ooit afgeleverd. In “Hold On To Yours (And I’ll Hold On To Mine)” beschrijft de Texaanse troubadour op poëtische wijze zijn kijk op wat vereist is voor het welslagen van een relatie:

“Hold on to yours and I’ll hold on to mine

We don’t have to give up either cup of wine

The bottle here is full enough for two

It will last as long as there’s me and you.”

Altijd en overal een evenwicht zien te vinden tussen nemen en geven, da’s waar het allemaal om draait dus… Geven doet Shaver hier trouwens zelf ook héél erg royaal. “Freedom’s Child” bijvoorbeeld, zijn meest commerciële uiting in tijden – een geheide radiohit ook! Of “That’s Why The Man In Black Sings The Blues” – door Shaver zelf al omschreven als “a song that Johnny Cash said to me without saying a word” (en dat is in dit geval, euh, alleszeggend). Of het rootsy pareltje “Honey Chile”. Of “Day By Day”, de aangrijpende story van zijn familie. Of… Of… Of…

Om een lang verhaal kort te maken – schrijf maar dat Billy Joe Shaver alweer een heel bijzondere plaat heeft afgeleverd!

www.billyjoeshaver.com

www.compadrerecords.com

 

 

DOC WATSON

“Trouble In Mind: The Doc Watson Country Blues Collection 1964 – 1998”

(Sugar Hill)

(4) J J J J

 

 

Doc Watson geniet vooral bekendheid in bluegrassmiddens. Zes Grammy awards zouden moeten volstaan om dat gegeven afdoende te onderlijnen. Vooral over zijn werk met zijn in ’85 overleden zoon Merle raken kenners nog altijd behoorlijk vlug opgewonden. Op echte kwaliteit staat nu eenmaal geen vervaldatum!

En dat blijkt ook uit “Trouble In Mind”, zopas door Sugar Hill toegevoegd aan de lange lijst reeds bestaande Watson-compilaties. De collectie kreeg als ondertitel “The Doc Watson Country Blues Collection 1964 – 1998” mee. We krijgen hier niet de Watson die we verwachten dus! Wél zijn benadering van het country blues genre. We zouden bijna durven gewagen van een historisch document, want het betreft hier tenslotte opnamen die vaak meer dan dertig jaar oud zijn. Opnamen die vaak ook nog werden gemaakt met zijn zoon Merle. Maar eigenlijk doe je op die manier deze collectie tekort. Dit klinkt immers allemaal nog zo okselfris, dat het net zo goed gisteren of vandaag had opgenomen kunnen zijn. Van opener “Country Blues” tot sluitstuk “White House Blues” is hier sprake van één groot feest der herkenning, één groot feest tout court! Een degustatie die vooral ook de liefhebbers van een Guy Clark maar eens moesten aandoen.

www.sugarhillrecords.com

 

 

SEAN WATKINS “26 Miles” (Sugar Hill)

(3) J J J

 

 

Sean Watkins geniet vooral bekendheid als één derde van Nickel Creek, het in de States bijzonder gewaardeerde en populaire youthgrass drietal. En dat schept verwachtingen natuurlijk. Verwachtingen die hier niet helemaal worden ingelost, want met bluegrass heeft dit allemaal niet zo heel erg veel meer te maken. Dat wil echter niet meteen ook zeggen dat dit een mindere plaat zou zijn. Watkins presenteert hier gewoon een verzameling vrij klassieke popdeunen die al bij al aangenaam wegluisteren. Heel mooi vonden wij zelfs “Hiding”, “Through The Spring”, “Carousel” en “Creeping Beauty”.

Nickel Creek fans zijn bij dezen echter gewaarschuwd – even beluisteren alvorens diep in de buidel te tasten (zo voorkom je een eventuele teleurstelling)!

http://www.sugarhillrecords.com/catalog/pagemaker.cgi?3955

 

 

MARTY RAYBON “Full Circle

(Doobie Shea)

(4,5) J J J J J

 

 

Na zijn dagen als frontman bij het aan het begin van de 90’s waanzinnig populaire Shenandoah een beetje uit de picture geraakt deze Marty Raybon. Maar met “Full Circle” eist hij in één klap zijn plaats op de kaart weer op. Méér zelfs nog!

Raybon heeft een nieuw onderkomen gevonden bij het bluegrass label Doobie Shea en dat lijkt hem goed te zijn bekomen, want zijn nieuwe cd is werkelijk een juweeltje geworden.

De up tempo opener “Down The Road” laat er van meet af aan geen twijfel over bestaan wat we mogen verwachten. Heerlijk opgewekte zomerse bluegrass is dit! En als aansluitend Sonya Isaacs in de ballad “Everything” mee de sterren van de hemel komt zingen, dan ga je er al snel rekening mee houden dat hier een klein meesterwerk in de maak is. En dat vermoeden wordt al snel bewaarheid. Het lichtvoetige tweetal “That’s One” en “Summertown Road”, de Bill Monroe classics “Rocky Road Blues” en “White House Blues”, de inspirational song “All In The Hands Of Jesus”, het dartele “Home Run Man”, Robert Ellis Orralls “Next To You, Next To Me” –Shenandoah revisited-, het wereldwijze “Webster’s Definition”, de verstilde schoonheid van het recentelijk ook al door Alison Krauss vertolkte “Ghost In This House”, noem maar op… niet één enkel minder nummer in zicht!

Marty Raybon is dus niet enkel terug van weggeweest – hij levert hier niets minder af dan een klassieke bluegrassplaat!

Laat ons hopen, dat hij hiermee definitief zijn gading heeft gevonden…

www.martyraybon.com

www.doobieshea.com

 

 

AUDREY AULD “Losing Faith” (Reckless Records)

(4) J J J J

 

 

Audrey Auld wist ons in het verleden reeds herhaaldelijk aangenaam te verrassen. Als één helft van het duo Bill & Audrey samen met Bill Chambers (de vader van Kasey en de patriarch van de Dead Ringer Band) bijvoorbeeld, maar ook op eigen benen met haar voortreffelijke solodebuutplaat “The Fallen”, waarop pop en country het bijzonder goed met elkaar wisten te vinden. Wat ons betreft had Auld dus al lang niks meer te bewijzen!

Maar dat gebeurt hier toch! “Losing Faith”, haar tweede zelfstandige worp, toont immers een heel andere Audrey Auld dan deze die we kenden. Het openingsdrietal van de plaat zou zo van een Kasey Chambers cd weggegrist kunnen zijn. Titelnummer “Losing Faith”, “Denied” en “Our Lady of Sorrows” illustreren perfect de opvallende stemgelijkenis tussen de twee dames. Het hoeft dan ook niet echt verbazing te wekken, dat Chambers zelf ook even een handje komt toesteken in “Not Who I Am”, net als die andere nachtegaaltjes van down under Crystal Bailey en Camille Te Nahu. Opvallend veel goed volk in huis trouwens voor “Losing Faith”! Fred Eaglesmith kwam even langs voor het overheerlijke “B-Grade Affair”, Mary Gauthier deed hetzelfde voor “Ain’t No Joy”, en met Kieran Kane deelde Auld “Harmony”. Een speciale vermelding mag er ook nog zijn voor het countryeske “Doin’ Well”, waarin de Australische op pakkende wijze de draak steekt met wat de muziekhoofdsteden van de States heten te zijn – Austin, New York, Nashville, New Orleans,… Telkens wanneer men haar het advies geeft naar één van deze steden te verkassen antwoordt ze laconiek:

“Well I say yeah,

you can go to Hell

I’m stayin’ here

I’m doin’ well.”

Net als Bill en Kasey Chambers lijkt ze op haar weg naar faam dus bewust voor the hard road te kiezen. Maar je mag gerust zijn, maken zal Audrey Auld het beslist! Talent komt nu eenmaal altijd bovendrijven!

www.audreyauld.com

www.recklessrecords.com

 

 

ROSANNE CASH “Rules Of Travel” (Capitol Records)

(4) J J J J

 

 

Rosanne Cash deed er goed en wel zeven jaar over om met een opvolger voor het uitstekende “10 Song Demo” op de proppen te komen. Voornaamste oorzaak van dat toch wel ontzagwekkende hiaat in haar carrière was een opspelende poliep, die het haar meer dan twee jaar niet toeliet ook maar één noot te zingen. Meer zelfs nog, op bepaalde dagen kon ze amper spreken.

Des te opzienbarender wordt in dat licht deze comebackplaat. Cash klinkt hierop beter dan ooit tevoren. En het merendeels zelf geschreven materiaal is van een werkelijk uitmuntend niveau. Aan het woord is een gelouterde vrouw, die zeer persoonlijke topics niet uit de weg gaat. Vooral “September When It Comes” spreekt wat dat betreft boekdelen. Het nummer is een zeer mooie vertaling van het besef van de eigen sterfelijkheid en het tezelfdertijd aanvaarden van het bestaan van onopgeloste levensvraagstukken. Geen wonder, dat Rosanne Cash haar vader optrommelde om dit nummer samen met haar te doen. Een unicum nochtans, want nooit eerder brachten ze plaatgewijs een duet!

Aan bekende gasten trouwens überhaupt geen gebrek hier! Met Sheryl Crow brengt Cash de hartverscheurend mooie popsong “Beautiful Pain” van Craig Northey (Bekend van de Odds!), met Steve Earle deelt ze het naar eigen zeggen obsessieve “I’ll Change For You”, en Teddy Thompson helpt haar “Three Steps Down” in omgekeerde richting mee naar een uitzonderlijk hoog niveau te tillen. De mooiste nummers hier hebben echter geen hulp van buitenstaanders nodig. Bijzonder fraai zijn de herwerkte uitvoering van “Western Wall”, eerder ook al op het hierboven al eens aangehaalde “10 Song Demo” terug te vinden, en “44 Stories”, eentje voor elk jaar van haar leven op het ogenblik dat ze het nummer (met wat hulp van buitenaf van Robert Burke Warren en haar echtgenoot John Leventhal) schreef.

Hier is een welgemeend “Welkom terug, Rosanne!” dus zeker op zijn plaats. Dit mag ze zelf terecht haar beste werk ooit noemen…

www.rosannecash.com

 

 

TED RODDY & THE KING CONJURE ORCHESTRA

“Channelin’ E – In The Spirit Of The Memphis King”

(Continental Records)

(4) J J J J

 

 

Ted Roddy is van vele markten thuis, dat bewees hij in het verleden al ten overvloede. Van blues tot rockabilly tot honky tonk, op zijn c.v. ontbreken ze géén van alle. De man beschikt ook over een bijzonder krachtige stem en dat komt het onderhavige project volop ten goede.

“Channelin’ E” groeide uit de vermaarde E Tribute shows die Ted Roddy en The King Conjure Orchestra tweemaal jaarlijks in The Continental Club in Austin brengen, op die manier zowel de geboortedag als de sterfdatum van The King herdenkend. Anders dan in die live shows krijgen we hier met uitzondering van “Suspicious Minds” geen nummers die Elvis ooit deed, maar wel songs van mensen waar hij ooit iets anders van opnam of gewoon liedjes die hij had kunnen (moeten?) opgenomen hebben.

Het resultaat is buitengewoon soulvol. De rijkelijk aanwezige blazers zijn daar allicht niet vreemd aan - evenals de songkeuze trouwens. Hier wordt over het algemeen met zoveel liefde en vakmanschap gemusiceerd dat je bij momenten zelfs echt The King meent te horen! Gewoon even ogen dicht en mee willen… In Mickey Newbury’s “Mobile Blue” bijvoorbeeld, of in het hier vooral van The Fortunes bekende “You’ve Got Your Troubles”, of in “River Deep Mountain High” (ook zonder Tina Turner héél knap), of in Tom T. Halls “That’s How I Got To Memphis”… We zouden kunnen blijven opsommen!

Onze conclusie is dan ook even simpel als kordaat: elke rechtgeaarde Elvisfan zou dit album op z’n minst eens moeten beluisteren! En eigenlijk zelfs niet alleen de fans van wijlen The King… Met zoveel respect werd de man immers na zijn dood nog niet vaak benaderd!

www.tedroddy.com

www.continentalclub.com

 

 

KENNY BUTTERILL “Just A Songwriter”

(NoBullSongs.com Records)

(3,5) J J J J

 

 

“’Cause I like being just a songwriter,

I don’t fit the showbiz scene.

I don’t deal well with the road (and)

I’d die in the Nashville machine.”

Kenny Butterill is, zoals hij het zelf al aangeeft in het titelnummer van zijn tweede cd, in eerste instantie een schrijver van mooie liedjes. Maar het toeval wil nu eenmaal dat hij gezegend is met een warme, wat diepe stem (ergens in de buurt van J.J. Cale) en die kan je niet ongebruikt laten natuurlijk. Met knappe resultaten bovendien. Na het titelnummer smolten wij ook een beetje weg bij de zalige ballad “My Austin Angel”, over een liefde van weleer, en bij “The Email Song”, waarin een vluchtige virtuele krabbel oude gevoelens van hartstocht weer doet oplaaien. Lekker laid back gaat het er (ook) aan toe in “Felton’s Place” waarin de fraaie harmonieën van Larry Hosford mee het mooie weer maken.

En wacht tot je “The Townes You Left Behind” hoort, Butterills eerbetoon aan wijlen Townes Van Zandt. “Now it’s us that have the blues”, zingt de man en hij doet dat op zo’n overtuigende manier, dat je niet anders kan dan met ‘m instemmen.

Een aanrader voor elke liefhebber van folk, americana en rustige blues – dit is namelijk een geslaagde combinatie van die drie.

www.nobullsongs.com

 

 

JASON BOLAND & THE STRAGGLERS “Truckstop Diaries”

(Underground)

(4) J J J J

 

 

Jason Boland & The Stragglers genieten in en rond Oklahoma en Texas een alsmaar groeiende populariteit. En dat is niet meer dan begrijpelijk ook! Want Boland en z’n Okie maten hebben het hart op de juiste plaats. Hier staat country nog voor country - niet voor confectie…

“Truckstop Diaries”, Bolands tweede full cd na z’n bijzonder geslaagde debuut “Pearl Snaps”, krijgt dezer dagen een tweede kans. (Al verscheen ondertussen met “Live @ Billy Bob’s, Texas” ook al een vervolg…) Vlak na de release van het album waren Boland en z’n Stragglers betrokken bij een ernstig verkeersongeval. Dat hield hen meer dan twee maanden lang volledig van de planken. Maar ondertussen is alles weer in orde en lijkt niets of niemand hen nog in hun opmars te kunnen stuiten.

“Truckstop Diaries” is een feel good plaat. Van bij de stevige opener (het titelnummer) tot aan het slotnummer “Can’t Figure How” biedt Boland het volk wat wils. Het merendeel van het hier aangeboden materiaal schreef hij trouwens ook zelf. En als er dan al enkele uitzonderingen op die regel zijn, dan passen ze als gegoten in het geheel. Vooral het door Mike McClure (sinds enkele dagen ex-zanger van The Great Divide) geschreven “Traveling Jones” is een voltreffer. Verdere hoogtepunten? Hoeveel had je er gewild? “Tennessee Whiskey” en “Gear And Dust” zijn een stel fraaie lappen klassieke country. “Mexican Holiday” (met Randy Crouch in een gedeelde vocale hoofdrol) is een heerlijke border song. “Much Better Now” danst op een dartele baslijn krols de honky tonk rond. En bij “She Deserves What She Gets” was het hier zelfs even naar adem happen. Een gegarandeerde live favoriet zouden wij zo zeggen! Enfin, we kunnen blijven opsommen… Hier staat echt niks op dat ook maar een heel klein beetje uit de toon springt. Jason Boland wordt een blijvertje, let maar op onze woorden!

www.thestragglers.com

 

 

ERIC BLAKELY “The Payne Anthology”

(Folk Reel Productions)

(4) J J J J

 

 

Met “The Payne Anthology” recapituleert de dezer dagen vanuit Austin, Texas opererende Eric Blakely zijn carrière totnogtoe. Het album bevat nummers van zijn drie vorige cd’s (“Uncle John’s Farm”, “Growing Into My Father’s Clothes” en “Levity”), een oorspronkelijk alleen in Zweden verkrijgbare single (“This Is Now”) en een voorheen helemaal niet uitgegeven nummer. En over Blakely’s smaak valt niet te twisten, want het resultaat van zijn keuze is een bijzonder samenhangend geheel, waarin het autobiografische element een toonaangevende rol speelt.

In het verleden nam Blakely nogal eens vrede met een rol in de schaduw van anderen als leadgitarist. Het mag dan ook geen wonder heten, dat tal van collega’s ook graag eens langs liepen om op hun beurt een hand toe te komen steken op het werk van Blakely zelf. Chris Von Sneidern en Paul Collins tekenen bijvoorbeeld voor de backings in “Uncle John’s Farm”, terwijl Lisa Mednick een fraai potje accordeon uit de buik knijpt in dat aan John Mellencamps betere tijden refererende nummer. Guy Forsyth dan weer speelt een lekker potje slide mee op “Growing Into My Father’s Clothes”. Iets wat Mark Viator hem nadoet in het Byrdsy rootsrockpareltje “This Is Now”. En dan mogen we zeker ook Marcia Balls accordeonbijdrage aan “First Night In Paris” niet vergeten. Voor ons één van dé hoogtepunten van deze compilatie. Het nummer deed ons onwillekeurig denken aan Rodney Crowells laatste. Zo goed, ja!

Van rustig rockend tot innemend verhalend, Eric Blakely toont hier hoe groot zijn reikwijdte wel is. En we kunnen alleen maar hopen, dat hij in de toekomst wat meer tijd aan zijn eigen loopbaan zal gaan besteden. Zijn ongelooflijk talent staat immers buiten kijf.

Van harte aanbevolen derhalve!

www.ericblakely.com

 

 

OVE WULFF “Tale Of The Scorpio”

(Dusty Records)

(3) J J J

 

 

Het lijkt een contradictio in terminis, maar… het kan! Goede rootsrock vanuit Zweden, bedoelen we dan. Ove Wulff bewijst het ten overvloede op zijn soloplaat “Tale Of The Scorpio”. Het Enzendoh-kopstuk roept bij tijd en wijle de hoogdagen van de Georgia Satellites in herinnering, of ook de betere momenten van John Cougar Mellencamp. En dat vinden wij geen geringe verdienste!

Wij vertoefden graag in het gezelschap van het pretentieloos rockende openingsnummer “Happy As A Clown”, het naar ons gevoel commercieel gezien niet geheel kansloze “Loaded” en het op een lekker harmonicaatje drijvende “Small Town Hearts”.

Voor wie zijn americana ook wel eens wat dichter bij huis zoekt!

www.geocities.com/ove_wulff

www.dustyrecords.se

 

 

COUNTRY BLUE “O Brother, Here They Come”

(Rat Race)

(3) J J J

  

 

Dit komt zo goed als vanuit het niets! Country Blue is een duo bestaande uit de multi-instrumentalisten Bobby Kirk en Michael Orzek dat op z’n cd-debuut “O Brother, Here They Come” vrolijk rondstrooit met prettig in het gehoor liggende americana- en countrydeunen. Qua stijl komen ze regelmatig heel erg dicht in de buurt van wat momenteel in Texas bon ton is, vooral dan als ze het wat rustiger aan gaan doen, zoals in het heel erg mooie “Enemy”, in “Fill My Sails” of in “Clamtown”.

Wie het recentere werk van een Jack Ingram of een Pat Green wel lustte, moest dit dus ook maar eens proberen. Zelden echt spectaculair, maar wel heel aangenaam luistervoer! Een tweetal met een serieuze groeimarge nog, lijkt ons.

www.countryblue.com

 

 

TERESA NEAL “Green Light” (In eigen beheer uitgebracht!)

(3) J J J

 

 

Een heel erg veelzijdige tante, deze Teresa Neal. Da’s wel het minste wat je over haar kwijt kan! Ze is in de eerste plaats een songwriter. Maar haar muzikale ambitie mag dankzij een aangenaam hese stem gerust wat verder reiken. Als je daar nog aan toevoegt, dat ze net zo goed met een gitaar als met een stel drumsticks uit de voeten kan én dat ze zelf haar jongste cd produceerde (zij het met wat hulp van co-producer Brian Cummings), dan weet je ’t zo ongeveer wel.

Ze is woonachtig in en werkzaam vanuit Austin, maar voor de opnamen van “Green Light” toog ze toch naar Nashville. En het mag misschien een beetje vreemd klinken, maar wij vinden haar plaat noch dat typische Texas sfeertje, noch het gladde van Nashville uitademen. Wat ons betreft komt Neal regelmatig in de buurt van een Bonnie Raitt. Enerzijds is er een zekere stemgelijkenis, anderzijds neigt ook Neals repertoire in dezelfde richting als dat van Raitt: pop, country en blues op een zeer aangename manier met elkaar vermengd tot een licht verteerbare cocktail. Hoogvliegers hoorden wij op “Green Light” in de sfeervolle opener “Masters Of War”, het lichtvoetige titelnummer, het twangy “Pendulum”, de knappe ballad “By The Grace Of God” en het bijna jazzy gecroonde “Who Is That Man Sleepin’ In My Bed”.

www.teresaneal.com

http://www.cdbaby.com/cd/teresaneal

 

 

 

 

Opgelet!!!!! Voortaan recycleren we onze eerdere besprekingen in een archief!!!!!