CAC 3.jpgCAC 3.jpgCAC 3.jpgCAC 3.jpgCAC 3.jpg

 

ARCHIEF CD-RECENSIES DECEMBER 2012

 

archief

 

* = Thanks, but no thanks! - ** = Mediocre… - *** = Just plain good stuff. - **** = Very good indeed! - ***** = Absolutely brilliant!!!

 

Op deze pagina vind je recensies van de volgende albums:

HT. ROBERTS “Country Music Makes Me Cry” - POKEY LAFARGE & THE SOUTH CITY THREE “Live In Holland” - WANDA JACKSON “Unfinished Business” - JAMES HAND “Mighty Lonesome Man” - MARIA MULDAUR & FRIENDS “…First Came Memphis Minnie” - DONNA ULISSE “All The Way To Bethlehem” - BUDDY MILLER & JIM LAUDERDALE “Buddy & Jim” - BELLOWHEAD “Broadside” - MIKE VASS “DecemberWell” - DIVERSEN “Music Is Love, A Singer-Songwriters’ Tribute To The Music Of CSN&Y” - MATRACA BERG “Love’s Truck Stop” - JESSE DAYTON “Jesse Sings Kinky” - KRIS KRISTOFFERSON “Feeling Mortal” - DIVERSEN “Lowe Country, The Songs Of Nick Lowe” - LILLY HIATT AND THE DROPPED PONIES “Let Down”

 

 

HT. ROBERTS “Country Music Makes Me Cry” (Deep Blue Something / Donor Productions / Bertus)

(4****)

Zeven albums ver ondertussen in z’n solocarrière achtte Ht. Roberts de tijd wel rijp om eens even achterom te kijken. Iets wat hij deed op 14 januari van dit jaar, live op het podium van het “mittlerweile” tot ver in den lande een uitstekende reputatie genietende gemeenschapscentrum de Muze van Meise. Samen met Gijs Hollebosch (dobro, mandoline, weisenborn, akoestische gitaar en slide), Arne Van Dongen (bas), Niels Delvaux (percussie), Dirk Naessens (fiddle, mandoline, banjo en ukelele) en achtergrondzangeressen Gabriela Arnon en Sarah D’hondt waadde hij (zang, akoestische gitaar, banjo en mandoline) toen geduldig doorheen met name zijn al wat oudere werk. Met veel gevoel gunde hij behoorlijk wat ondertussen nog maar moeilijk verkrijgbaar songmateriaal opnieuw een plaatsje onder de zon. En dat volkomen terecht ook! Van “Following The Buffalo” uit ’77 krijgen we zo “Country Music Makes Me Cry”, “Tower City Skyline” en “Helen Of Troy”, van “King Of The Rooftops” uit ’99 “Time” en het titelnummer, van “Second Thoughts” uit 2001 “My Father’s Mansion”, “Turboliner Blues” en “Comfort (Bless The Wild Horses)”, van het ronduit heerlijke “Acres Of Time” uit 2005 “Saints And Outlaws”, “Lou-Ellen” en “Chilly Autumn Daybreak” en van het al even knappe “Fingernail Moon” uit 2007 “Happy Birthday Princess” en “The Maze”. En dan zijn er ook nog de opgemerkte passages van collega’s Lieven Tavernier, Michel Goessens (Aardvark) en Bart Stallaert. Die eigenen zich elk op hun beurt één nummer van Ht. toe. En dat doen ze in respectievelijk het Frans, het Nederlands en het dialect van Evergem. “The Old Pilgrim Trail” wordt in de ronduit vertederende versie van Tavernier zo “Les Routes De France”, Michel Goessens’ dialect-interpretatie van “Ohio Bridge” blijkt titelgewijs letterlijk vertaald tot “Ohio Brug” en ook Bart Stallaerts benadering van “The Wonder” kreeg met “Het Wonder” een niet al te veel afwijkende roepnaam mee. Een heerlijk toetje voor een ook zo al meer dan geslaagd optreden. Een gezellig samenzijn dat Roberts eens te meer profileerde als één van de allerbeste Europese rootsartiesten überhaupt. Een man wiens materiaal eigenlijk gewoon op elke liefhebbersplank naast dat van groten der aarde als een Townes Van Zandt, een Guy Clark of een John Prine thuishoort. Dat na al die jaren nog proberen te ontkennen valt wat ons betreft zo stilaan onder de noemer misplaatste bescheidenheid…

Ht. Roberts

 

POKEY LAFARGE & THE SOUTH CITY THREE “Live In Holland” (Continental Song City)

(5*****)

Wie na het twee jaar geleden verschenen “Riverboat Soul” en “Middle Of Nowhere” van vorig jaar onbegrijpelijkerwijze nog niet verslingerd zou zijn geraakt aan de buitengewoon catchy muziek van Pokey LaFarge & The South City Three krijgt nu met het in april van dit jaar in de Amsterdamse poptempel Paradiso ingeblikte “Live In Holland” een derde kans. En die moet je vooral niet laten liggen, zo lijkt ons, want deze concertregistratie staat voor het uit St. Louis, Missouri afkomstige viertal werkelijk op z’n allerbest! Echt rete-aanstekelijk is dit allemaal! Zo retro als het maar kan, maar zo authentiek gebracht! Je houdt het haast niet voor mogelijk! The real thing, zeg maar! Swingend als een tiet heen en weer laverend tussen ragtime jazz en akoestische folk en blues toveren LaFarge en co in no time een brede glimlach op je lippen. Onmogelijk gewoon ook om hierbij stil te blijven zitten! Met materiaal van hun eerste twee platen, maar ook wat niet eerder ingeblikt spul. Een ronduit wervelende trip back naar de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw! Onze luistertips: het swingend de feestelijkheden openende “The Devil Ain’t Lazy”, het ook al buitengewoon sfeervolle “In The Graveyard Now” en vooral ook het al van “Middle Of Nowhere” bekende en tot een flinke neut samen uitnodigende “Drinkin’ Whiskey Tonight”. Wij kunnen al een poosje absoluut niet meer zonder…

Pokey LaFarge & The South City Three, Continental Record Services

 

WANDA JACKSON “Unfinished Business” (Sugar Hill Records / Welk Music Group)

(4****)

Na haar kortstondige, maar wel buitengewoon hevige muzikale flirt met Jack White voor “The Party Ain’t Over” van vorig jaar duikt rock & roll-icoon op leeftijd Wanda Jackson hier en nu andermaal in de koffer met veel jonger mannelijk muzikaal grut. Ditmaal blijkt die eer weggelegd voor Justin Townes Earle, die haar op zijn beurt vakkundig doorheen een tiental nieuwe liedjes mag gidsen. En ik moet eerlijk bekennen, dat zijn benadering van Jackson me nog veel meer aansprak dan die van White eerder. Van de bluesy shuffle die openingsnummer “Tore Down” is tot de je via een op zwierige wijze bepoteld pianootje bereikende honky-tonk rocker “The Graveyard Shift”, van de passionele traditionele countrysleper “Am I Even A Memory?”, een duet met producer Earle, tot het zomers springerige streepje roots pop “Pushover”, van een buitengewoon soulvolle, bijna Chuck Berry-eske lezing van Bobby Womacks “It’s All Over Now” tot een al even fraaie benadering van de Townes Van Zandt-gospeldeun “Two Hands”, van het ouderwets rockende en rollende “Old Weakness (Coming On Strong)” tot “What Do You Do When You’re Lonesome”, een verdere “tear in your beer beauty”, van het op fraaie wijze country aan blues uithuwelijkende “Down Past The Bottom” tot het ingetogen “California Stars”, Jacksons kijk op het liedje dat Jay Bennett en Jeff Tweedy ooit uit een liggen gebleven Woody Guthrie-songtekst puurden: wat ons betreft zit hier niet één kneusje tussen! En als Wanda Jackson daarmee nu nog niet helemaal klaar zou blijken, dan hebben wij alvast een ideetje. Dan willen we van hier uit immers graag Buddy Miller als haar volgende handlanger voorstellen. Ook die samenwerking zou naar onze bescheiden mening immers gegarandeerd weer tot een prima plaat leiden. In afwachting daarvan blijven we echter graag nog even zoet met het knappe “Unfinished Business”.

Wanda Jackson, Sugar Hill Records

 

JAMES HAND “Mighty Lonesome Man” (Hillgrass Bluebilly Records)

(4****)

Ontegensprekelijk één van de allermooiste countryplaten van het jaar, deze nieuwe van James Hand. Veertien nummers lang neemt de Texaan ons daarop weer mee terug in de tijd. Veertien nummers lang gidst hij ons doorheen zijn eigen stukje Hillbilly Heaven. In een productie van Deborah J. Perry en met de nodige muzikale hand-en-spandiensten van onder meer Will Indian, Speedy Sparks, John McGlothlin, Earl Poole Ball, Beth Chrisman, Alvin Crow, Jess Meador, Cary Ozanian, Gary Carpenter, Bobby Flores, Darren Sluyter en Cindy Cashdollar serveert James “Slim” Hand ons hier en nu dertien eigen nieuwe liedjes en een leuke cover van de Johnny Cash-hit “Get Rhythm”. En daarin blijkt ook ditmaal weer geen gebrek aan door velen onlosmakelijk met traditionele country geassocieerde instrumenten als de fiddle, de dobro, de lap en de pedal steel. Samen met Hands al een weinig verweerde, maar altijd heerlijk authentiek aandoende stem vormen zij zelfs bijna voortdurend de eigenlijke hoofdmoot hier. En dat zowel in eerder ingetogen als wat swingender materiaal. Veel tranen in het bier hier natuurlijk weer, maar evengoed flink wat levenslustiger spul. Zoals het lijzig swingende “Please Me When You Can” bijvoorbeeld, het over een aan iets van de jonge Cash ontleend ritme rockende “Now Not Later” ook of het aan een net niet duizelig makend tempo rondjes over een versleten hardhouten dansvloer draaiende “Wish You Would Kiss Me”. Lach en traan houden elkaar hier op de keper beschouwd dus best wel in evenwicht. En dat is maar goed zo ook! Zo deden Lefty, Johnny, Hank, Merle en George het Hand lang geleden immers al voor… Bijzonder warm aanbevolen!

James Hand, Hillgrass Bluebilly Records

 

MARIA MULDAUR & FRIENDS “…First Came Memphis Minnie” (Stony Plain / CRS)

(4****)

De ondertitel zegt in dit geval hoegenaamd alles. “A loving tribute” aan het adres van Memphis Minnie inderdaad. Een rolmodel voor velen en al zeker voor initiatiefneemster Maria Muldaur. Zij concipieerde en produceerde dit geheel en gebruikte als uitgangspunt een handvol al eerder door haar met onder meer Alvin Youngblood Hart, Del Rey, Roy Rogers en Steve James ingeblikte tracks. Die werden aangevuld met nieuwe opnames door andere Memphis Minnie-fans als Rory Block (“When You Love Me”), Ruthie Foster (“Keep Your Big Mouth Closed”) en Bonnie Raitt (“Ain’t Nothin’ In Ramblin’”) en ondertussen klassiek spul van Koko Taylor (“Black Rat Swing”) en Phoebe Snow (“In My Girlish Days”). Een heleboel goede stemmen en dito gitaristen verzameld dus en dat leidt bijna als vanzelfsprekend ook tot een erg mooie collectie liedjes. Eentje die uit elke porie diep respect voor de ermee gevierde heldin ademt. Eentje die op de keper beschouwd ook ideaal is om de songs van Memphis Minnie ook aan wat jongere, nog niet met haar materiaal vertrouwde generaties aan te reiken. Moge de herinnering aan deze bluesgrootheid op die manier vooral nog heel erg lang voortleven!

Maria Muldaur, Stony Plain Records, CRS

 

DONNA ULISSE “All The Way To Bethlehem” (Hadley Music Group)

(3,5****)

Toen ik de titel van de nieuwe van Donna Ulisse voor het eerst zag, had ik vrijwel meteen zoiets van “O jee, daar gaan we weer… ‘t Is weer die tijd van het jaar…” Kerstplaten zijn nu eenmaal niet echt mijn ding… Maar deze, beste lezer, valt al bij al nogal mee. “All The Way To Bethlehem” is immers geen kerstplaat in de gebruikelijke zin van dat woord. Ulisse begaat niet dezelfde fout als zoveel anderen. Ze doet zoveel meer dan gewoon maar wat ondertussen al suf gecoverde traditionals hernemen. Ze liet zich voor “All The Way To Bethlehem” wel inspireren door het Bijbelse verhaal van de geboorte van Christus, maar brengt het hier op volslagen unieke wijze. Het heeft bij nader inzicht eigenlijk allemaal meer weg van een toneelstuk dan van een traditioneel opgevatte plaat. In haar teksten laat Ulisse immers telkens weer andere voor het verhaal essentiële personages aan het woord. Jozef en Maria natuurlijk, maar verder onder meer ook Maria’s zelf ook op wonderbaarlijke wijze moeder geworden, oudere nicht Elisabeth, de herbergier die het paar in uiterste nood onderdak ontzegde en de ster van Bethlehem. Boeiend! En dat meen ik echt! En dat geldt op de keper beschouwd misschien zelfs nog wel meer voor de muzikale invulling van het geheel. Die blijkt vintage Ulisse. En dat betekent weer aangenaam wegluisterende bluegrass à volonté. Gedragen uiteraard door de werkelijk bloedmooie stem van Ulisse zelf en met ook weer de nodige (akoestische) instrumentale hoogstandjes van onder anderen Keith Sewell, Andy Leftwich van Ricky Skaggs’ Kentucky Thunder, Viktor Krauss, Rob Ickes, Byron House en John Mock. En met voorts ook nog vocale bijdragen van Wendy Buckner Sewell, Ana Sewell en Rick Stanley. Voor de productie tekende Keith Sewell. Iets voor (vrome) liefhebbers van het materiaal van dames als een Alison Krauss, een Rhonda Vincent en een Claire Lynch.

Donna Ulisse, Hadley Music Group, CD Baby

 

BUDDY MILLER & JIM LAUDERDALE “Buddy & Jim” (New West / Rough Trade)

(5*****)

Is het erover om in een geval als dit te spreken van een droomkoppel? Vind ik dus zeker niet! Buddy Miller en Jim Lauderdale, die samen een plaat maken! Ik ken persoonlijk niet één liefhebber van Americana, die daar niet aan zou willen… En terecht ook, zo blijkt! Longtime friends Miller en Lauderdale voelen en vullen elkaar hier immers echt fantastisch aan. Zich daarbij werkelijk excellent geruggensteund wetend door Stuart Duncan (fiddle en mandoline), Dennis Crouch (bas), Russ Pahl (steelgitaar en banjo), Marco Giovino (drums) en Patterson Barrett (keyboards) lijken ze zich vooral te hebben willen spiegelen aan met name in de jaren veertig en vijftig onder meer door hun harmonieerwerk populaire mannelijke duo’s als de Louvin Brothers en Johnnie & Jack. Niet echter zonder daarbij aan hun werk ook een flinke eigentijdse twist mee te geven! En dus klinkt “Buddy & Jim” ook allesbehalve als een anachronisme. Het is gewoon een heerlijk gevarieerde rootsplaat geworden, waarmee Miller en Lauderdale ook zelf een muzikale droom in vervulling zagen gaan. Al jarenlang liepen ze immers met het idee van een samenwerking rond en met “Buddy & Jim” kwam die er nu eindelijk ook. En wat mij betreft is het gewoon één van dé platen van 2012 geworden! Met naast een drietal samen gepende nummers, wat materiaal van Lauderdale, Miller en diens vrouw Julie ook covers van “South In New Orleans” van het hier al eerder genoemde duo Johnnie & Jack, de traditional “Lonely One In This Town”, soullegende Joe Tex z’n “I Want To Do Everything For You” en Jimmy McCracklins “The Wobble”. Stilistisch gebonden aan genres als roots rock, Americana, rock & roll, country en de soulvariant daarop. En met als topmomenten wat mij betreft: de buitengewoon bezielde Tex- en McCracklin-covers, het na een valse start al snel echt flink onder stoom gerakende countryrockertje “The Train That Carried My Girl To Town”, het op een exotische groove geënte en ook al aardig rockende “Vampire Girl” en het voorzichtig bluesy kleurende “Looking For A Heartache Like You”. The kind of stuff that dreams are made of!

Buddy Miller, Jim Lauderdale, New West Records, Buddy & Jim Facebook

 

BELLOWHEAD “Broadside” (Navigator Records / Rough Trade)

(4****)

In hun thuisland Engeland gelden ze momenteel als zo ongeveer het beste wat folk anno nu te bieden heeft en voor één keer willen wij hier in zoveel chauvinistisch enthousiasme ook effectief mee. Het elf man sterke Bellowhead is immers daadwerkelijk een fenomeen. Dat bleek al naar aanleiding van de eveneens met de legendarische John Leckie als producer ingeblikte voorganger van “Broadside” uit 2010, het ronduit geweldige “Hedonism”, en dat blijkt nu weer voluit opnieuw. Folk vormt voor dit elftal eigenlijk niet meer dan een uitgangspunt. Het kan voor de rest in het gebrachte songgoed zo goed als voortdurend alle kanten uit. Je hoort op “Broadside” naast folk zo occasioneel ook flarden pop, rock, jazz en wereldmuziek terug. Al geldt voor die twee laatste genres wel, dat ze hier beduidend minder nadrukkelijk aan bod komen dan op het door velen bejubelde “Hedonism”. Op “Broadside” voornamelijk door leadzanger-fiddler Jon Boden van een ingenieus nieuw arrangement voorziene traditionals. Vaak minder bekende. Eén enkel nieuw eigen nummer ook: de opgewekte, hier tussen de rest absoluut niet uit de toon vallende instrumentale “Dockside Rant”. Opvallend: het wordt je weliswaar allemaal gepresenteerd als folk, maar het heeft toch echt wel een zekere pop dan wel rock appeal. Het klinkt met andere woorden allesbehalve oubollig. Eerder geraffineerd, gedurfd en heel erg “vif”! Met naast verwachte muzikale “suspects” als fiddles, cello en pipes verder onder meer ook nog veel minder voor de hand liggende instrumenten als een trompet, een trombone, een tuba, een helicon, een basklarinet, een sax, een hobo, een melodeon, een concertina en een claviola. En natuurlijk ook nog gitaren, een bouzouki, een mandoline, een banjo en tal van percussie-instrumenten. Onze luistertips: het kwartet “Byker Hill”, “Black Beetle Pies”, “Lillibullero” en “Go My Way”. That should do it!

Bellowhead

 

MIKE VASS “DecemberWell” (Rusty Squash Horn Records)

(4****)

“DecemberWell” is het erg mooie nieuwe album van de vanuit het Schotse Glasgow flink aan de weg timmerende muzikant-componist Mike Vass. En eigenlijk is die opvolger van ’s mans solodebuut “String Theory” uit 2010 een soort van conceptalbum geworden. Gefascineerd door december en alles wat daarmee samenhangt besloot Vass iets meer dan een jaar geleden immers om die maand “te gebruiken” om de songs voor z’n nieuwe cd te schrijven en in te blikken. Een ambitieus opzet, waarin hij met brio zou slagen. De twaalf instrumentals op “DecemberWell” zijn daar evenveel dynamische getuigen van. Vass doet daarin in tegenstelling tot eerder nu echt alles zelf. Fiddle, akoestische en tenorgitaren, cyther, piano, melodica, glockenspiel en percussie-instrumenten, hij trok werkelijk alles naar zich toe. Enkel wat – Door hemzelf! – tijdens de lopende decembermaand ingeblikte geluidssamples blijken bij nader inzicht vreemde eenden in de bijt. Maar ze dragen wel op bijzonder functionele wijze bij tot het geheel. Een geheel, dat op aangrijpende wijze het hart van de door Vass aangepakte maand weet te vatten. ’s Mans instrumentaaltjes verklanken immers buitengewoon vaardig beurtelings de barre winterkoude en de vele, daarmee in schril contrast staande warme gevoelens eigen aan de laatste weken van het jaar. En ze vormen zo als het ware de ideale soundtrack bij dagen, voor velen gedragen door en gekoesterd omwille van gevoelens van vriendschap en hoop. Dit is muziek, die je graag aan je voorbij laat glijden, als sneeuw weer zorgt voor dat aparte, zo moeilijk onder woorden te brengen gevoel vanbinnen. Prachtig! Zoals de maand december vaak zelf eigenlijk…

Mike Vass, DecemberWell

 

DIVERSEN “Music Is Love, A Singer-Songwriters’ Tribute To The Music Of CSN&Y” (Route 61 Music / Hemifran)

(4,5*****)

Welk een waanzinnig knap eerbetoon aan de muziek van de heren Crosby, Stills, Nash en Young! “Music” blijkt hier inderdaad “love”. Ruim zevenentwintig nummers lang! Onder de gedeelde productionele hoede van de Zweed Peter Holmstedt van Hemifran en het Italiaanse duo Ermanno Labianca en Francesco Lucarelli van Route 61 Music celebreren tal van bekende en minder bekende zingende songsmeden hun voorliefde voor het werk van op z’n minst één van de vier hierboven genoemde heren. Ron LaSalle tackelt zo bijvoorbeeld met brio het bekende “For What It’s Worth”, Steve Wynn tekent voor een ronduit bezwerende, enigszins psychedelisch aandoende lezing van “Triad”, Judy Collins zingt naar goede gewoonte de sterren van de hemel in het vertederende “Helplessly Loving”, de je nog wel van de Hothouse Flowers bekende Liam Ó Maonlaí puurt een veritabel intimistisch pareltje uit “Lady Of The Island” en Elliott Murphy trekt op zijn beurt “Birds” helemaal naar zich toe. En zo gaat het maar verder! Met als bijkomende hoogtepunten wat ons betreft onder meer ook nog het viertal (Karla) Bonoff, (John) Cowan, (Mietek) Szcześniak & (Wendy) Waldman (een betoverend “Guinnevere”), Bocephus King (“Down By The River”), Jennifer Stills (“Love The One You’re With”), Venice (“After The Gold Rush”), toptalent Sadie Jemmett (“Teach Your Children”), The Coal Porters (een wervelende bluegrass-lezing van “Fallen Eagle”), Willie Nile (het hem echt op het lijf geschreven “Rockin’ In The Free World”), Cindy Lee Berryhill (“It Doesn’t Matter”), Clarence Bucaro (“Out On The Weekend”), Neal Casal (“Hey You (Looking At The Moon)”), Carrie Rodriguez (“Cortez The Killer”), Eileen Rose & The Legendary Rich Gilbert (“Just A Song Before I Go”) en het duo Michael McDermott & Heather Horton (“Southern Cross”). Als “tip of the hat” aan het adres van CSN&Y absoluut geslaagd! Een echt voorbeeld voor allen die zich in de toekomst nog aan eerbetonen menen te moeten wagen eigenlijk…

Music Is Love, Route 61 Music, Hemifran

 

MATRACA BERG “Love’s Truck Stop” (Proper / Rough Trade)

(4,5*****)

Na haar an sich al verre van misselijke comebackplaat van vorig jaar “The Dreaming Fields” nu een nog betere nieuwe van Matraca Berg! Met “Love’s Truck Stop” heeft de vanuit Nashville actieve zingende liedjesschrijfster zichzelf ditmaal echt wel overtroffen! Met elf veelal eerder ingetogen, vaak behoorlijk weemoedig opgevatte deuntjes vindt ze wat ons betreft probleemloos aansluiting bij genregrootheden als een Nanci Griffith, een Patty Griffin en een Emmylou Harris. Die laatste is hier trouwens ook zelf mee van de partij. En ze voelt zich net als Berg zelf schijnbaar als een vis in het water in de bij momenten quasi trance-gerichte Americana-deuntjes van deze laatste. Niet te geloven eigenlijk, dat deze Berg ooit nog hitleveranciertje speelde voor commercie hoog in het vaandel voerende countrydames als een Deana Carter, een Suzy Bogguss en een Reba McEntire. Met de productie van dat drietal heeft wat ze hier zelf doet alleszins zo goed als niets te maken. Op “Love’s Truck Stop” draait alles om haar eigen delicate verhalen, een werkelijk wonderlijke muzikale sfeerschepping en vooral ook de eigen geweldige stem. Die laatste zorgde hier geregeld voor het nodige kippenvel. Probeer zelf bij gelegenheid bijvoorbeeld maar eens heerlijkheden als het titelnummer, “Foolish Flower”, “We’re Already Gone” of “Magdalene” en je zal wellicht al snel begrijpen waarom! Ronduit groots!

Matraca Berg, Proper Records

 

JESSE DAYTON “Jesse Sings Kinky” (Stag Records / Sonic Rendezvous)

(4****)

Wat een geweldige “match”! De fantastische songs van de semi-legendarische Kinky Friedman gekoppeld aan de goudbruine country-door-en-doorstem van Jesse Dayton… We hadden het zelf eigenlijk gewoon niet beter kunnen verzinnen!

Na zijn recente bijdrage aan de theaterproductie “Becoming Kinky” dook Jesse Dayton vrijwel onmiddellijk opnieuw in het songgoed van Friedman onder. Ditmaal met de vaste bedoeling om er met een eigen nieuwe plaat weer uit te komen. En die is er dus nu met “Jesse Sings Kinky”. Een plaat, waarvan Dayton zelf de geest onder de noemer “a real tough, 70’s Topanga Canyon, loose country feel” probeert te vatten. En die omschrijving bekt al bijna even lekker als het hele album zelf. Het is hier immers volop genieten geblazen van dingen als het bedaard swingende “Rapid City South Dakota”, het nerveuze, (voorzichtig) wat meer poppy ingevulde “Autograph”, het echt wel op Daytons stem geschreven “Lady Yesterday”, het flink aan z’n kettingen snokkende countryrockertje “Nashville Casualty And Life”, de verhalende trage “Marilyn & Joe”, het door gast Stefano Intelisano accordeongewijs met wat Tex-Mex-gevoel gekruide “Twirl”, het heerlijke, quasi dronken voortwaggelende “Highway Cafe” of het afsluitende tweetal “Wild Man From Borneo” en “Silver Eagle Express”.

Niet één liefhebber van “real country” die hieraan zal kunnen of willen weerstaan! Probeer het zelf maar eens!

Jesse Dayton, Sonic Rendezvous

 

KRIS KRISTOFFERSON “Feeling Mortal” (KK Records / Proper / Rough Trade)

(4****)

Ook op “Feeling Mortal”, z’n eerste nieuwe plaat sinds het geweldige “Closer To The Bone” uit 2009, schuwt countrylegende Kris Kristofferson het persoonlijke weer absoluut niet. Het lijkt wel alsof hij zich “this time around” een spiegel heeft voorgehouden om zichzelf diep in de ogen kijkend tot zijn teksten te kunnen komen. Die hebben immers niet zelden betrekking op zijn eigen stilaan nakende einde. Hier is een man aan het woord, die weet dat hij geen eeuwigheid meer voor de boeg heeft. In een productie van sterproducer Don Was kijkt hij beurtelings achterom en vooruit. En dat levert andermaal zo menig een beklijvend moment op. Een beetje vergelijkbaar met wat z’n maatje Cash op z’n laatste platen deed. Ook Kristoffersons stem is al lang niet meer wat ze ooit geweest is, maar ook hier dat stoort hoegenaamd niet. Meer nog, het verleent aan het door de man gebrachte iets onbetaalbaar authentieks. Het maakt van door de band genomen eerder melancholisch opgevatte liedjes als het titelnummer, “Mama Stewart”, “You Don’t Tell Me What To Do”, “The One You Chose” of het afsluitende eerbetoon aan Ramblin’ Jack Elliott veritabele schoonheden. Liedjes, die je Kristofferson zeker nog één keer live wil zien brengen! En dat kan ook! Op 1 en 2 december aanstaande staat hij immers “wide awake and feeling mortal” op de bühnes van respectievelijk De Handelsbeurs in Gent en Poppodium 013 in het Nederlandse Tilburg. Be there! Het is misschien wel de allerlaatste kans die je krijgt om deze legende überhaupt nog eens in levenden lijve aan het werk te zien…

Kris Kristofferson

 

DIVERSEN “Lowe Country, The Songs Of Nick Lowe” (Fiesta Red Records / Sonic Rendezvous)

(4,5*****)

Eén van mijn absolute lievelingsplaten van het moment, dit schijfje! Niet het eerste tot Nick Lowe gerichte eerbetoon en wellicht ook niet het laatste, maar als ze van deze kwaliteit blijven, dan mogen ze echt wel graag blijven komen! Gelijk van bij het allereerste nummer wordt hier de juiste snaar geraakt. Youngster Caitlin Rose is het, die met een ronduit heerlijke, in werkelijk heel z’n wezen soulvolle countrypolitan-versie van “Lately I’ve Let Things Slide” een blijvende kras op je verblufte luisteraarsziel achterlaat. Vervolgens trekt het momenteel behoorlijk hippe collectiefje uit Portland The Parson Red Heads op ook al indrukwekkende wijze het wat minder bekende “Don’t Loose Your Grip On Love” naar zich toe. Heel mooi, hoe (roots) pop en (alternatieve) country zich daarin vinden! En dan is er een ander absoluut hoogtepunt! Voor ons althans! En dat is Robert Ellis’ lezing van het zwierige “All Men Are Liars”. Altijd al een geweldig nummer gevonden en Ellis doet het hier ook echt alle eer aan. Net wat minder is naar onze bescheiden mening dan weer Amanda Shires’ behoorlijk onderkoelde versie van Lowe’s classic “I Love The Sound Of Breaking Glass”. Die doet ons eigenlijk alleen maar met veel goesting teruggrijpen naar het origineel. Wél weer uitstekend: een lekker rammelende rootsrockversie van “Marie Provost” door JEFF The Brotherhood, Hayes Carlls met bijzonder veel gevoel gebrachte lezing van “(I’m Gonna Start) Living Again If It Kills Me” en met name ook die andere trage, “Lover Don’t Go”, door de ons voorheen volslagen onbekende Erin Enderlin. Wat een ontdekking! Met zo’n stem – Echt schatrijk aan emotie! – kan het bijna niet anders of die Enderlin wordt binnen de kortste tijd een hele grote binnen het Americana-wereldje. Resten dan nog: “When I Write The Book”, hier een catchy streepje rootspop in een uitvoering van The Unsinkable Boxer, “You Make Me”, een wolk van een Americana-trage door de z’n pa Jimmie Dale voorwaar even naar de kroon stekende Colin Gilmore, “Heart Of The City”, enkele aangenaam bestede minuten “grootstadsbluegrass” door die van Chatham County Line, en “What’s Shakin’ On The Hill”, “Cracking Up” en “Where’s My Everything?” door collega-singer-songwriters Lori McKenna, Griffin House en Ron Sexsmith. Een stuk of vier echt verbluffende momenten, een zevental mooie tot heel mooie, één bijna-goedje (“Cracking Up” door Griffin House) en één nipte voldoende (“I Love The Sound Of Breaking Glass” door Amanda Shires): op school spreken ze in zo’n geval van een goed rapport.

Fiesta Red Records, Sonic Rendezvous

 

LILLY HIATT AND THE DROPPED PONIES “Let Down” (Normaltown Records)

(3,5****)

Zo vader, zo… dochter! In dit geval dan toch! We hebben het hier immers over de dochter van singer-songwriter John Hiatt. En die debuteerde onlangs met het tien tracks lange “Let Down” ook zelf behoorlijk sterk als zingende liedjesschrijfster. We zouden haar hier willen situeren in min of meer dezelfde muzikale wateren als die andere “dochter van”, Rosanne Cash. Ergens tussen Americana, country en rock dus, zeg maar, al wegen de eerste twee elementen in haar muziek op de keper beschouwd doorgaans toch wel het zwaarst door. En ook louter tekstueel zit het op “Let Down” allemaal wel snor. Hiatt junior gaat in haar lyrics vrijwel voortdurend lekker “breed” en dat met beurtelings een lach en een traan tot gevolg. De naar onze bescheiden mening sterkste momenten: het mede door de zachtjes huilende pedal steel van Luke Schneider en de baritongitaar van gast Doug Lancio tot op eenzame hoogten getilde stukje twijfel en verdriet “Let Down” en het in al zijn snarenweelde best wel wat Youngiaans aandoende rockertje “Angry Momma”. Songs van dat kaliber, daar kan je wat ons betreft zeker al mee thuiskomen! Een flinke belofte voor de toekomst dan ook, als je het ons vraagt, deze Lilly Hiatt!

Lilly Hiatt, Normaltown Records

 

Voor eerdere besprekingen verwijzen we je graag naar ons archief!!!!!

 

Home